Het goede doel

Samen met Grote Zus ging Mrs. T. deze week langs de deuren. Wij gingen collecteren voor de Nierstichting.

Als jonge tiener collecteerde Mrs. T. voor de Kankerbestrijding. Op een gegeven moment is ze daarmee gestopt. Sinds vorig jaar heeft Mrs. T. het collecteren weer opgepakt. En Grote Zus, die gaat dit jaar weer mee! Grote Zus vindt het leuk om -samen met mama- bij mensen langs te gaan.

Achterom moeten we, aanbellen is hier in het dorp al niet gebruikelijk. En wat de route die wij hebben (in het buitengebied) betreft is aanbellen vaak verspilde moeite. Sommige huizen/boerderijen hebben niet eens een voordeur (of deze is niet meer in gebruik) of bel.

Achterom gaan wij dus. Grote Zus klopt netjes -de collectebus in de hand- en zonder op een reactie te wachten gaan wij vreemde huizen binnen (want zo gaat dat hier, gewoon naar binnen gaan, niet afwachten, Mrs. T. heeft daar zelf toch nog steeds wat moeite mee). ‘Heeft u misschien een bijdrage voor de Nierstichting?’, vraagt Grote Zus (soms haperend, soms vlot, hoe verder op de route hoe vlotter natuurlijk).

Zou het echt helpen? Zo’n kleine meid erbij? Feit is dat iedereen waar wij langsgaan wat geld in de bus doet. En Grote Zus, die krijgt zelfs af en toe een snoepje!

Het is hartstikke gezellig, zo samen onze route doen. Grote Zus hoeft niet mee van Mrs. T., Grote Zus wil graag mee. En daar is Mrs. T. blij mee, dat ze leert wat collecteren is. Maar vooral ook wat de achterliggende gedachte is. Over zieke mensen, over onderzoek dat geld kost, over moeite die vrijwilligers belangeloos voor anderen doen, over dat niet alles vanzelfsprekend is. Het spreekwoord ‘Jong geleerd is oud gedaan’ is wat Mrs. T. betreft hier volkomen op zijn plaats.