Donor

Jeanine vroeg Mrs. T. om een logje te wijden aan het wel of niet hebben van een donorcodicil. Al eerder heeft Mrs. T. over dit onderwerp geschreven. Die ene keerheeft zij haar lezers uitgedaagd om op een stelling te reageren. Ook logde Mrs. T. ooit ‘ns over het feit dat ze bloeddonor is. Jeanine zelf heeft ook een stukje over dit thema geschreven. En last but not least: in de Quest van deze maand staat het artikel ‘Grote leven & dood enquête, medische ethiek in negen thema’s’. TNS NIPO heeft 1.000 Nederlanders ondervraagd over medisch-ethische kwesties. Genoeg aanknopingspunten dus voor Mrs. T. om hier een stukje aan te wagen.

Mrs. T. zelf is donor. Uit overtuiging. Bij Jeanine las Mrs. T. over de angst die sommigen hebben dat een dokter een zwaar gewonde donor eerder ‘op zal geven’ omdat men wellicht met de organen dan nog anderen kan helpen. Daar gelooft Mrs. T. niet in. Niet in het minst omdat Mrs. T. er op vertrouwt dat artsen hun uiterste best zullen doen om hun patiënten er bovenop te helpen. Artsen leggen een eed af en de tekst van de moderne versie is als volgt:

Ik zweer/beloof dat ik de geneeskunst zo goed als ik kan zal uitoefenen ten dienste van mijn medemens. Ik zal zorgen voor zieken, gezondheid bevorderen en lijden verlichten.

Ik stel het belang van de patiënt voorop en eerbiedig zijn opvattingen. Ik zal aan de patiënt geen schade doen. Ik luister en zal hem goed inlichten. Ik zal geheim houden wat mij is toevertrouwd.

Ik zal de geneeskundige kennis van mijzelf en anderen bevorderen. Ik erken de grenzen van mijn mogelijkheden. Ik zal mij open en toetsbaar opstellen, en ik ken mijn verantwoordelijkheid voor de samenleving. Ik zal de beschikbaarheid en toegankelijkheid van de gezondheidszorg bevorderen.

Ik maak geen misbruik van mijn medische kennis, ook niet onder druk. Ik zal zo het beroep van arts in ere houden.

Dat beloof ik.

Die eed, daar gelooft Mrs. T. in. Misschien is dat naïef, maar Mrs. T. wil er in geloven. Niet in zo’n eed geloven, niet in de integriteit van artsen geloven ondermijnt het vertrouwen. Vertrouwen dat hard nodig is als je je over dient te geven aan die medisch specialist. Geloven dat artsen hun uiterste best zullen doen en dat zij juiste informatie zullen geven is in Mrs. T.’s ogen erg belangrijk.

Er zijn ongetwijfeld mensen die het volkomen oneens zijn met wat Mrs. T. hier schrijft. Dat kan en dat mag uiteraard. Er zullen mensen zijn die slechte ervaringen hebben met ziekenhuizen en die de mening van Mrs. T. weg zullen wuiven, ook dat kan en dat mag uiteraard. Mrs. T. zelf heeft (helaas) al meer dan genoeg tijd doorgebracht in het ziekenhuis en -hoe kloterig de redenen ook waren en hoe de zorg ook onder druk staat- haar ervaringen tot op heden zijn uitermate positief. Mede daarom gelooft Mrs. T. in de integriteit van onze specialisten (en alle anderen werkzaam in de zorg).

Mrs. T. is als de dood om dood te gaan. Het is een van haar grootste angsten, het is definitief en onomkeerbaar. Mrs. T. denkt dat zij haar dierbaren zo verschrikkelijk zal missen als ze dood is. Het idee dat Mrs. T. door haar donor zijn anderen eventueel een kans kan geven om langer bij hun dierbaren te blijven, daarom is Mrs. T. donor.

En jij: ben je donor of juist niet? En waarom wel of juist niet?