De elfde plaag

Mrs. T. is groot fan van de boeken van Wilbur Smith, ze waagde er eerder al een logje aan. Wilbur’s laatste boek heet De Elfde Plaag. Het is het vierde deel in de serie over het oude Egypte met de euneuch Taita in de hoofdrol. Alle boeken zijn overigens heel goed los te lezen.

Het boek leest wederom als een trein en het is zo’n boek dat je zo snel mogelijk uit wilt hebben en dan vervolgens baalt als je het echt uit hebt.

Op de achterflap:

Egypte wordt getroffen door een serie van plagen die het koninkrijk grote schade toebrengen, maar het ergste moet nog komen: de Nijl houdt op met stromen. Het water dat zo van levensbelang is voor het land droogt op. Ergens diep in het onbekende hart van Afrika, daar waar de machtige rivier zijn oorsprong vindt, moet iets catastrofaals gebeurd zijn.

De farao is de wanhoop nabij en stuurt uiteindelijk Taita eropuit – de oude magiër is de enige die misschien in staat is door te dringen tot de bron van de Nijl – om de oorzaak van alle problemen te vinden. Maar niemand kon vermoeden welke vreselijke vijand hem ligt op te wachten in dit mysterieuze land aan het eind van hun wereld.

Een redelijk nieuw element in dit boek is toch wel het hoge gehalte aan magie en occultisme. Daar heeft Mrs. T. wel aan moeten wennen. Bij andere door Mrs. T. gewaardeerde schrijvers (zoals bijvoorbeeld Tolkien, Koontz of Feist) ben je als lezer voorbereid op zeer onwerkelijke gebeurtenissen, maar in dit boek trekt Wilbur af en toe toch wel heel veel fantasyregisters open. Dat vindt Mrs. T. best jammer hoewel het haar plezier in het boek absoluut niet weg heeft kunnen nemen.

Welk genre boeken lees jij eigenlijk het liefst? Sta je open voor fantasy-achtige boeken of moet het wat jou betreft allemaal realistisch zijn?

Alles is gezegd

‘k vertelde heel oprecht
ook dat wat jij niet horen kon

‘k vertelde van het licht
maar ook van de duisternis
‘k zag aan je gezicht
dat het voor jou te moeilijk is

‘k vertelde van het leven
maar ook van de dood
‘k zag je even beven
dat je weerstand bood

‘k vertelde van de hoop
maar ook van de pijn
‘k zag hoe je wegkroop
om weer bij de hoop te zijn

alles is gezegd
‘k vertelde heel oprecht
en hoopte dat je luisteren kon

D. Thora


Gewoon een mooie en indrukwekkende tekst vindt Mrs. T.. Wat vind jij ervan?

Kindervakantiedagen

Gisteren was een erg natte laatste kindervakantiedag. Het heeft werkelijk van begin tot eind geregend, geregend, geregend … Gelukkig was het op dinsdag en woensdag wel de hele dag droog gebleven, dus die goede dagen neemt niemand ons meer af. Omdat het terrein waar de kindervakantiedagen gehouden wordt bij een grote rijstal is, heeft de organisatie gisterenochtend vroeg het grootste deel van de spellen naar binnen gesjouwd. Wat een extra werk zeg, petje af dus.

Het thema van dit jaar was ‘Ridders en jonkvrouwen’. De koning zoekt een man voor prinses Fiona en dat valt nog niet mee hoewel schildknaap Floris eigenlijk best een oogje op Fiona heeft. Lukt het Floris om Fiona’s hart te veroveren? Daar lijkt het dinsdag en woensdag niet echt op. Uiteindelijk vindt Prinses Fiona tijdens de afsluiting dan toch nog haar ridder. Helaas voor Floris echter is hij het niet geworden!

Het waren weer drie prachtige dagen!

Zakgeld

Een jaar of twee jaar geleden zijn Mr. T. en Mrs. T. begonnen met het geven van zakgeld aan Grote Zus. Dat was geen succes. We vergaten het bijna iedere week, Grote Zus vergat het ook en al vrij snel hielden we het voor gezien. Grote Zus was er nog te jong voor en wij wellicht ook.

Grote Zus wordt eind van de maand acht en we menen een nieuwe poging te moeten gaan wagen: Grote Zus gaat zakgeld krijgen! We denken aan een bedrag van € 1,00 per week, te geven op zondag. Volgens het Nibud is dat een mooi bedrag.

Het is onze bedoeling dat ze het grootste deel gaat sparen en van wat er overblijft mag ze af en toe wat kopen.

Mrs. T. kreeg zelf vroeger al vrij vroeg kleedgeld (van zakgeld kan ze zich niet veel herinneren). Als ze het zich goed herinnert dan kreeg ze ƒ 100,00 per maand. Een echt succes was het niet, ging Mrs. T. op pad voor nieuwe kleding, kwam ze thuis met een LP van David Bowie of iets dergelijks. Maar uiteindelijk leerde Mrs. T. toch wel met geld omgaan.

Mrs. T. doet weer ‘ns wat vergelijkend warenonderzoek (daar doen we allemaal ons voordeel mee nietwaar?) en vraagt je de volgende vragen te beantwoorden: Kreeg jij vroeger zakgeld (of kleedgeld) en hoe doe (deed) je dat met jouw kind(eren)? Hoe oud zijn ze en hoeveel krijgen ze, op welke leeftijd begon je ermee en wat zijn de afspraken over het besteden van het geld?

Vele handen maken licht werk

Op dit moment zijn de kindervakantiedagenhier in het dorp in volle gang. 176 Kinderen worden drie dagen lang volop vermaakt.

Een team van enthousiaste volwassenen zorgt er elk jaar weer voor dat er een leuk programma in elkaar gedraaid wordt. Het thema is dit jaar: ridders en jonkvrouwen. Er worden spelletjes gedaan, er wordt geknutseld, een speurtocht gelopen, een zeskamp gehouden en nog heel veel meer.

De organisatie loopt verkleed in prachtige kostuums en er loopt een heuse rode draad door de drie dagen. Dit jaar gaat het over prinses Fiona die wanhopig op zoek is naar haar prins!

Voor het begeleiden van al deze zaken zijn vrijwilligers nodig. Veel vrijwilligers. Dat begint al een paar dagen voordat de feitelijke happening van start gaat met opbouwen of nog eerder, met het bedenken van de spelletjes, het naaien van de kostuums en het maken van de decors. Daarnaast zijn er mensen nodig die de groepjes begeleiden, die de spelletjes begeleiden, EHBO-ers, mensen die ‘s nachts op het terrein willen blijven om de boel te bewaken, frietgezinnen, na afloop weer opruimen, catering etcetera, etcetera.

Nu woont Mrs. T. in een dorp waar de gemeenschapszin groot is en waar mensen zich snel inzetten voor elkaar. Maar om een spektakel als dit in elkaar te zetten zijn veel vrijwilligers nodig. En het is niet altijd eenvoudig om genoeg mensen bij elkaar te krijgen.

Mrs. T. vindt dat je, als je jouw kind(eren) naar zo’n happening laat gaan, dat je dan als ouder zelf ook een handje moet helpen. Het kan wat haar betreft niet zo zijn dat je deze dagen gebruikt als goedkoop oppasadres. Er zijn mensen die hun bloedjes van kinderen mee laten doen en zelf helemaal niet meehelpen. Mrs. T. vindt echt dat dat niet kan. Hoe moeilijk is het nu om verspreid over zeven dagen een dag(deel) vrij te maken om de handen uit de mouwen te steken?

In sommige plaatsen worden ouders inmiddels verplicht om minimaal één dagdeel mee te helpen als zij hun kind(eren) aan de kindervakantieweek mee laten doen. Mrs. T. vindt het echt heel jammer dat het zo ver kan komen. Eigenlijk vindt ze dat iedere ouder uit zichzelf het fatsoen (mag je hier spreken over fatsoen?) moet hebben om zich voor zoiets geweldigs in te zetten.

Ben jij het daarmee eens of vind je het acceptabel dat mensen wel hun kinderen mee laten doen zonder dat ze zelf helpen?