Pissebed

Oh gruwel. Hebben we net die luizentoestand gehad, krijg je dit weer: Mrs. T. komt ze de laatste tijd overal tegen: pissebedden. Als ze ze alleen maar buiten tegen zou komen, dan zou ze niet het niet smakelijk vinden, maar verder haar schouders ophalen. Maar de laatste tijd komt ze ze binnen tegen!

Binnen, als in: in het huis! En wat ze hier dan doen? Geen idee. Wat doen die beesten hier? Het is hier in huis heus niet vochtig hoor. Ga toch buiten spelen!

Dat slaat toch nergens op? Af en toe een spin in huis (laatst nog een gigantische die door Mr. T. overmeesterd moest worden) is nog tot daar aan toe. Een mug, het moest niet muggen, maar vooruit dan maar. Maar pissebedden? Bah!

Volgens Mr. T. ligt het aan het weer (of een op handen zijnde verandering van het weer). Ja, ja Mr. T., zo kan je je overal uitpraten. Weet je, eigenlijk wil Mrs. T. niet eens weten waarom ze er zijn, er zit iedere keer maar een ding op: een dot wc-papier pakken, het prehistorische monstertje daarin oppakken en heel hard knijpen (sorry als Mrs. T. je met deze onthulling shockeert: ja Mrs. T. vermoordt pissebedden)! En dat toch zeker een of twee keer per dag!

Je begrijpt Mrs. T.’s vragen van vandaag al: Jij misschien ook last van pissebedden in huis? En wat jou minst favoriete klein monstertje?