Roeping

Afgelopen zondag namen Mr. T., Grote Zus, jongste, mijn ouders en ik afscheid van P. P namelijk gaat haar hart volgen. Haar hart, haar gevoel en haar verstand. P is 27 jaar en zij gaat het klooster in. Niet zomaar een klooster zelfs, een heus slotklooster.

Toen P 18 jaar werd is zij bij mijn ouders komen wonen. P heeft een zeer heftige jeugd gehad en ze wilde niets liever dan weg bij haar familie. Ze werkte destijds in het klooster hier in het dorp en moeder overste heeft toen aan mijn moeder gevraagd of P niet in de kamer achter het huis kon komen wonen. Ze zouden weinig last van P hebben want ook voor haar eten en zo zou worden gezorgd. P was van harte welkom en heeft uiteindelijk een jaar of twee bij mijn ouders gewoond. In die tijd was er geen contact met haar moeder al is dat contact inmiddels wel weer hersteld.

In de tijd dat P bij mijn ouders woonde hebben wij haar uiteraard ook leren kennen. Het was goed omgaan met P, ze is altijd heel vriendelijk en aardig en ze was gek op kinderen. Zo heeft ze regelmatig op Grote Zus gepast. P is gewoon een heel lieve meid die helaas veel en te veel op haar bordje gekregen heeft. Ze is zelfs een tijdlang opgenomen geweest omdat ze er niet meer uitkwam.

All die tijd was daar haar geloof. Ze is vanaf haar twaalfde misdienaar geweest en werd rond haar 18de of 19de zelfs koster bij de parochie. De kerk was het helemaal voor haar. Mr. T. en ik zeiden regelmatig -maar eigenlijk meer voor de flauwekul- tegen elkaar: P zou gewoon het klooster in moeten gaan.

Heel erg verbaasd waren wij dus niet toen mijn moeder laatst vertelde dat P die stap dus echt gaat zetten. P gaat intreden. Het klooster dat ze heeft uitgekozen ligt in Limburg en het is een zogenaamd slotklooster. Dat betekent dus dat P, als alles loopt zoals ze voor ogen heeft, nooit meer buiten de deuren van dat klooster zal komen (bezoek aan artsen daargelaten).

Ik vind het een veelomvattende beslissing terwijl het tegelijkertijd zo goed bij haar past. Zondag kwam ze afscheid nemen van mijn ouders en ons. En echt, ze straalt! Er is zo’n enorme rust over haar heen gekomen en ze is zo blij dat het nu echt gaat gebeuren. Ze vertelt vol enthousiasme over het allerheiligst sacrament, de altijddurende aanbidding, de dagindeling, het habijt, de andere zusters (de oudste is 97 en de jongste 21), wat ze nog wel mag en wat niet meer. Ze vindt het zo fijn dat ze straks in principe geen echte keuzes meer hoeft te maken. Ze hoeft niet meer na te denken over welke kleren ze aan zal trekken, of ze wel of geen televisie zal kijken, over welk eten ze moet maken.

Ze kijkt uit naar soberheid, bidden, genoegen nemen met weinig. Ze realiseert zich dat ze niet meer naar buiten mag, dat ze maar 3 tot 4 keer per jaar bezoek mag ontvangen, dat ze weinig brieven mag schrijven, dat telefoneren zelden mag, dat ze niet naar de begrafenis van haar moeder zal mogen of op kraamvisite bij haar vriendin, dat ze nooit meer zal fietsen (ze fietste van de zomer nog naar Santiago de Compostella) of aan de vierdaagse mee zal doen. Ze realiseert zich het volledig. Ze heeft zich grondig verdiept in de verschillende kloosterordes die er zijn (actief of contemplatief) en maakte weloverwogen haar keuze. Ze is inmiddels al een aantal keer (een aantal dagen achtereen) in het klooster geweest en voelt zich daar helemaal op haar plek. Kortom: ze staat voor de volle 100% achter haar beslissing.

Het is zo goed om haar vol enthousiasme te horen praten over hoe haar leven vanaf 2011 zal zijn. Ze kijkt er zo naar uit. Ik vind het een dappere en wijze beslissing van P. Ik denk dat ze pas echt thuis zal komen als ze op 2 januari 2011 voorgoed door die deuren stapt.

2 gedachten over “Roeping

  1. Het stralen wat bij iedere kloosterling voorkomt, noem ik in stilte, “zij hebben God gezien!”
    Een ieder vind zijn eigen klooster wat hen past.
    Hoewel mijn dochter eerst in een ander klooster zat, werd ze er door de oppernon uitgeknikkerd.
    En nu jaren verder, het klooster gevonden waar zij haar talenten verder moet ontwikkelen.
    Theologie studie, het evangeliseren en eventueel aankomende kloosterlingen mag informeren en begeleiden.
    Maar de aanbidding van God is het hoogste goed of zoals zij zeggen ‘de Karmel’.

  2. Ja het was in die tijd in Katholieke gezinnen heel normaal als er 1 of 2 kinderen een religieuze kant kozen. Ze had ook 2 neven bij de ‘witte paters’ die waren uitgezonden naar de missie, waar weet ik niet meer.
    P. heeft duidelijk ook een roeping! Al teveel meegemaakt in haar leven dus, ik denk een hele goede keuze voor haar. Maar ze heeft wel een hele strenge orde gekozen hè.
    Mijn tante mocht in 1968 toen haar moeder overleed ook nog niet naar huis. Later werden de regels soepeler. Zo mocht ze vanaf 1985 ook op bezoek bij haar vader en andere familie, maar slechts 1x per jaar. Ze mocht in haar woonplaatst buiten het klooster komen, fietsen en heeft later zelfs autorijles gehad. Had door haar kleuterklas ook veel contacten met ouders en volgde de kinderen toen ze ouder werden. Ze was altijd op het woonwagenkamp te vinden om te praten en met van alles te helpen.
    Ze had eigenlijk ook heel graag naar de “missie” gegaan maar had slechte longen dus werd ze niet uitgezonden! Ik vond altijd een soort rust als ik bij haar was, toen ik 11 was wilde ik ook ‘later’ in het klooster. Maar later dacht ik er alweer snel anders over… ;-)

Reacties zijn gesloten.