Ontoereikende woorden

Soms is het leven zo verdomde oneerlijk. Soms maakt het leven dat je je zo machteloos voelt.

De prachtige, jonge dochter van een medeblogster/-twitteraar heeft nog maar kort te leven. Ik heb geen woorden die haar verdriet kunnen verzachten. 

Een bloggende zuiderbuur schrijft over haar leven. Over haar ziekte, de ups and downs, over moed en hoop en kracht en angst en verdriet. Over mensen die de strijd op hebben moeten geven.

Ik heb twee ooms (op jonge leeftijd) en een tante (al wat ouder, maar toch) die gestorven zijn aan kanker. De vriendin van een neef verloor een paar weken geleden haar vader, 58 jaar jong. Gelukkig is er ook nog relatief goed nieuws. Een oom kreeg afgelopen dinsdag de volgende uitslag: er zijn geen uitzaaiingen, hij zal wel een heel medisch traject moeten doorstaan maar hoe de ziekte zich zal ontwikkelen blijft onzeker. 

Iedereen kent wel iemand, dichtbij of veraf, die getroffen is door ernstige ziekte. Je kent de mensen om hen heen. De mensen die machteloos moeten toekijken hoe degene van wie ze houden de ziekte moet ondergaan. Hoe de zo geliefde man/vrouw/dochter/zoon/broer/zus/ouder de strijd wint of verliest. Hoe doen mensen dat?

Sinds het nieuws over die mooie jonge meid die aan het sterven is, moet ik steeds aan haar, haar moeder en de andere mensen om haar heen denken. Aan de mensen die van haar houden. 

Woorden zijn ontoereikend. En wat ben ik nu helemaal? Een passant op het wereld wijde web. Een passant die de ontroerend mooie maar tegelijkertijd intens verdrietige logjes leest van een moeder die haar dochter gaat verliezen. Ik weet niet wat te zeggen, hoe te reageren, het lijkt zo weinig, wat je kunt doen. Maar niet reageren is ook geen optie. Omdat dat het minste is wat je kunt doen. Laten weten dat je meeleeft, meevoelt.

Eigenlijk weet ik niet eens wat ik met dit logje wil zeggen. En daarom brand ik maar een kaarsje: voor alle mensen die het nodig hebben.

En zij die na ons komen

Ik las laatst ‘En zij die na ons komen‘ van Truska Bast.

Op de achterflap:

Voor boerenzoon Ko is het een ware volksverhuizing als hij in 1919 met koeien en hooi per stoomtrein van Zuid-Holland naar de Veluwe trekt. Het gezin kent diepe armoede.

Hoe anders is dat op het eiland Wieringen, waar Pieter, het zoontje van een opzichter van Rijkswaterstaat, rond 1920 verblijft met de Duitse kroonprins Wilhelm, die naar het eiland is verbannen.

Of op Java, waar de Indisch-Nederlandse vader van Sien achttien kinderen verwekt bij twee inlandse vrouwen en Sien met haar zusjes wordt ondergebracht in het Protestantse Weeshuis.

In ‘En zij die na ons komen’ lezen we hoe het er anno 2010 voor staat met Ko, Pieter en Sien en wat er van hun kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen is geworden. Aan de hand van deze drie families beschrijft Truska Bast hoe een leven in Nederland in honderd jaar is veranderd. Dat levert een meeslepend en kleurrijk tijdsdocument op, in de traditie van Judith Koelemeijer, Suzanna Jansen en Annejet van der Zijl.

Er is een klein minpuntje aan dit boek vind ik en dat is de veelheid aan personages die langskomen. Gelukkig zijn voor in het boek de stambomen van de families vermeld want die had ik dus geregeld nodig.

Verder niets dan lof. Een prachtig verhaal over drie families met een interessante weergave van hoe in een eeuw tijd tradities, gebruiken en gewoontes veranderen. Ik vond het interessant om te lezen over verschillen tussen de oude(re) generatie en de huidige generatie, om te lezen hoe veel dingen positief veranderd zijn, maar ook hoe dingen negatief veranderd zijn. Tenminste, in mijn ogen.

Ik vond het schokkend (al is dat eigenlijk niet het goede woord, maar het lukt me niet een beter woord te vinden) om te lezen over het behoorlijke aantal scheidingen in de families en het aantal buitenechtelijke kinderen. De hoofdstukken zijn vrij oppervlakkig vind ik, maar omdat het ene hoofdstuk weer teruggrijpt naar de generatie ervoor, verdwijnt die oppervlakkigheid ook weer. Ik weet, dit is een heel vage zin, maar zo was het voor mij. Oppervlakkig, maar ook weer niet.

Ik vond het al een mooi boek, maar toen ik de nawoorden las, werd het ineens nog mooier. Heeft Truska Bast gewoon drie heuse en echte familie geïnterviewd voor dit boek! Nou ja zeg! Echt heel mooi gedaan en ergens ook wel mooi dat ik er pas achteraf achterkwam dat het gewoon bestaande families waren. Het boek is zo realistisch, zo puur, nergens overdreven aangedikt of afgezwakt en nu blijkt het gewoon allemaal echt zo gegaan te zijn. Dit heeft Bast buitengewoon goed gedaan!

De hoofdstukken uit 1989, 1998, 2008 en (3x) 2010 zitten voor mij vol van herkenning, bevestigend gevoel of meewarig hoofdgeschud en ook momenten uit het nieuws herinnerde ik me nog en het is leuk dat een boek dat effect kan hebben. De hoofdstukken daarvoor geven ook veel ‘oh ja-momenten’. Want ik wist er of via verhalen van mijn (groot-)ouders van, of via de geschiedenisles of televisie/boeken. Echt leuk!

Ik vond (en vind) geschiedenis altijd erg interessant en Truska Bast heeft, in opdracht van het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (da’s een hele mond vol), een heel mooi en interessant tijdsdocument geschreven.

In plaats van marktplaats

Gratisch ende voor niets op te halen in huize Triltaal → hét vroegere zenuwcentrum waar uw blogvrouwe haar blogjes fabriceerde. Na de verbouwing heeft het meubeltje twee jaar als bureautje in de kamer van Kleine Zus gestaan.

In verband met kamerruil van Grote en Kleine Zus niet meer nodig. Kleine Zus krijgt bureau Grote Zus en Grote Zus krijgt een nieuw bureau.

Wie maakt me los? Uiteraard exclusief accessoires. De apparatuur staat al sinds twee jaar bij mijn ouders. ;-)