Oneerlijk

Mr. T. heeft een vriend. Een vriend die not my kind of guy is zeg maar. Ik heb gewoon heel weinig met die man. Maar het is een vriend van Mr. T. en die man (laat ik hem verder Sjef noemen) maakt op dit moment een zwarte periode door.

Sjef ontmoette een jaar of 9 geleden een vrouw (laat ik haar takkewijf Kim noemen). Sjef en Kim werden verliefd, Kim vertrok bij haar toenmalige man en Sjef en Kim werden een stel. Kim had al twee kinderen en uiteindelijk zijn Sjef en Kim getrouwd. Sjef en Kim kregen twee kindjes (nu 4 en 5). Had ik al niets met Sjef, met Kim had ik nog minder. Maar hé, er waren twee mensen gelukkig! Wat wil je nog meer?

De eerste jaren van Sjef en Kim waren (voor zover ik dat kan beoordelen) heerlijk saai (en saai is goed, daar zijn we het toch overeens niet?). Met het opgroeien van de twee oudste kinderen volgden er verontrustende berichten over die twee kinderen (Jeugdzorg, bureau Halt en zo) en duidelijk was dat zowel Kim als Sjef de zorg voor de twee oudsten niet echt aankonden. Dat beloofde wat als de kleintjes groter zouden groeien.

Een dik half jaar kwam het bericht dat Kim verliefd (l’histoire se répète) was geworden op een ander en dat ze bij Sjef weg zou gaan. Gruwelijk vervelend, voor alle partijen. Een huwelijk naar de knoppen, vier kinderen de dupe.

Nu weet ik natuurlijk helemaal niet hoe hun huwelijk was, hoe ze met elkaar omgingen en dat soort dingen. En zoals ik al schrijf, ik héb gewoon niets met beiden, maar op dit moment ben ik eigenlijk toch wel pislink op Kim.

Zij begint een affaire, zij gedraagt zich in de beginperiode dat ze nog samen in een huis wonen als een doorgedraaide tiener (veel uitgaan, totaal geen verantwoordelijkheidsgevoel richting haar kinderen, nachten wegblijven zodat Sjef ‘s ochtends niet naar zijn werk kan en dat soort ‘grappen’), zij eist vervolgens het vertrek van Sjef (die tijdelijk ergens gehuurd gaat zitten), zij woont tot afgelopen week in het huis wat hij lang geleden kocht, zij vertrekt uiteindelijk uit dat huis, zij eist de kinderen op, zij verhuist naar een woonplaats een dikke 25 kilometer verderop (waar ze intrekt bij haar nieuwe lief die ook al twee kinderen heeft!), zij haalt (zonder overleg) haar twee jongste kinderen van school en doet ze op een school in haar nieuwe woonplaats, zij, zij, zij. Zij heeft alle rechten.

Sjef verhuisde gisteren terug naar zijn oude woning (die overigens te koop staat want hij dacht dat het huwelijk voor eeuwig was en trouwde vervolgens in gemeenschap van goederen met haar) en trof een enorme puinhoop aan. Hoe ik dat weet? Nou, Mr. T. ging hem gisterenmiddag mee helpen verhuizen en Mr. T. was verontwaardigd over de troep -letterlijk en figuurlijk- waarin Sjef momenteel zit. Kim verzuimde ook nog even 4 maanden hypotheek af te lossen (Sjef zat elders met een flinke huur te kijken) en betaalde ook geen gas, water en elektriciteit.

Sjef ziet zijn kinderen nu een weekend in de twee weken en is daar diep ongelukkig mee.

Ik ben hier zeer verontwaardigd over. Hoe kan het toch zo zijn dat dit kan gebeuren? Volgens mij heeft de advocaat van Sjef ook wel een paar behoorlijke steken laten vallen, maar hoe kan het nou zomaar gebeuren? Dat een vrouw kan doen wat ze wil en dat een man vervolgens met de ellende zit? Nogmaals, ik weet er het fijne niet van (en dat wil ik ook helemaal niet weten), maar hier begrijp ik geen bal van.

 

De kleine Britt & Knielen op een bed violen

Herinneren jullie deze nog? Vast wel, want zo lang is het nog niet geleden natuurlijk. Inmiddels heb ik twee (autobiografische) boeken van de stapel gelezen.

De kleine Britt van Els Hupkes. Op de achterflap:

In het holst van de nacht, in april 1988, worden Dickie Kahl en zijn famile in een dorp in Noord-Holland van hun bed gelicht. Dickie is de enige die weet waarom die angstaanjagende groep in het zwart geklede mannen ineens in hun slaapkamer staat. Bij de rest van de familie slaat de overval in als een bom. Het bericht dat daarop volgt is zo mogelijk nog erger: Dickie, de man van Zusje en de vader van Lotje, Finn en Louise, blijkt de langgezochte ontvoerder en moordenaar van de zakenman Coens.

In de jaren na Dickies veroordeling proberen alle gezinsleden te leven met de nieuwe werkelijkheid. Voor de kinderen is dat het allermoeilijkst – aan de bloedband met hun vader valt nu eenmaal niets te veranderen. Zusje Winkelman, Dickies vrouw, heeft nog een keuze. Zij zou van hem kunnen scheiden, maar besluit, zonder goed te praten wat hij heeft gedaan, bij hem te blijven.

Els Hupkes (1942) is schrijver en beeldend kunstenaar. Ze heeft drie kinderen. De kleine Britt is haar eerste roman.

Dit boek is geschreven door Els Hupkes, de vrouw van van de ontvoerder van Gerrit Jan Heijn. Eigenlijk weet ik niet zo heel erg goed wat ik van het boek moet vinden.

Het is bij vlagen erg warrig, doet zelfs af en toe wat psychedelisch aan en ik begrijp ook niet zo heel goed waarom de schrijfster bepaalde dingen met ons deelt. Vraag me ook sterk af wat haar kinderen daarvan vinden want een zoon en een dochter worden toch behoorlijk apart (en dan druk ik me voorzichtig uit) neergezet. Ook de familie komt er niet altijd even goed vanaf. Natuurlijk is het heel heftig wat deze mensen meemaken en in feite zijn zij net zo goed slachtoffer van de daden van hun man/vader als de familie Heijn, maar nee, ik snap het niet zo goed dat er zoveel details vrijgegeven worden.

Verder leest het boek hartstikke gemakkelijk, dat dan weer wel en daarom heb ik het uiteindelijk ook gewoon uitgelezen.

Wat heel wat moeilijker leest is, dat raad je beslist al, ‘Knielen op een bed violen‘ van Jan Siebelink. Tenminste, ik hoorde altijd van heel veel mensen dat dat boek bijna niet om door te komen is. Nou ik heb nieuws voor je: ik vond het reuze meevallen.

Op de binnenflap:

“Ik ben altijd bang geweest om het complete verhaal te vertellen: het geleidelijke maar onstuitbare afglijden van een zachtaardig maar in zijn jeugd verwond man – vluchtend in het zwartste calvinisme – en het verdriet dat hij in zijn naaste omgeving veroorzaakt. Het is ook het verhaal van een grote liefde. Een man en een vrouw: de een wil overleven in het hiernamaals, de ander in het nu.” (uit een brief van de auteur aan zijn uitgever)

Er zitten af en toe heel rare kronkelzinnen in het boek, maar ik vond dat niet storend. Af en toe zitten er ook rare tijdsprongetjes in het boek. Ook dat vond ik echter niet storend. Ik vond het thema van het boek erg indrukwekkend. Ik begrijp helemaal niets van religieus fanatisme maar ik vond het confronterend om te lezen hoe een man zo verschrikkelijk meegezogen kan worden in zijn oprechte geloof dat dát de enige juiste geloof(sweg) is. Dat die man vervolgens alles uit het oog verliest. Dat is heftig. Al lukt het zijn gezin toch hem op een gegeven moment -min of meer- terug te krijgen. Tot het einde, want dat einde is wel zo onmenselijk hard. Ik zat gewoon plaatsvervangend verontwaardigd te zijn. Zo mag een leven niet eindigen. Zo moeten mensen geen afscheid moeten nemen van geliefden. Oh wat is dit schrijnend …

De ontwikkeling van de relatie tussen Hans en Margje vind ik overigens erg bijzonder. Margje is een sterke vrouw, zeker voor die tijd. Zij houdt op een heel pure manier stand en durft daden te stellen. De laatste drie zinnen van het boek vind ik getuigen van een bijzonder puur vertrouwen. Erg mooi.

Goed, twee autobiografische boeken dus. Als ik moet kiezen tussen deze twee dan gaat mijn voorkeur toch duidelijk uit naar het boek van Siebelink.

Wat zou jouw keuze zijn?

Als ik

Als ik een maand was, dan was ik …
Als ik een dag was, dan was ik …
Als ik een tijdstip was, dan was ik …
Als ik een planeet was, dan was ik …
Als ik een zeedier was, dan was ik een …
Als ik een richting was, dan was ik …
Als ik een meubelstuk was, dan was ik een …
Als ik een vloeistof was, dan was ik …
Als ik een boom was, dan was ik een …
Als ik een gereedschap was, dan was ik een …
Als ik een bloem was, dan was ik een …
Als ik een weersoort dan was, was ik …
Als ik een muziekinstrument was, dan was ik een …
Als ik een gezichtsuitdrukking was, dan was ik …
Als ik een kleur was, dan was ik …
Als ik een emotie was, dan was ik …
Als ik een soort fruit was, dan was ik een …
Als ik een geluid was, dan was ik …
Als ik een element was, dan was ik …
Als ik eten was, dan was ik …
Als ik een auto was, dan was ik een …
Als ik een plek was, dan was ik in …
Als ik een stof was, dan was ik …
Als ik een smaak was, dan was ik …
Als ik een voorwerp was, dan was ik …
Als ik een lichaamsdeel was, dan was ik …
Als ik een liedje was, dan was ik …
Als ik een schoen was, dan was ik …
_____________________________________________________________________

Een flink invullijstje dit keer, maar wel een leuke. Ooit ergens gelezen. Ik weet helaas niet meer waar.

Om de antwoorden gemakkelijker te kunnen lezen, selecteer de vragen, control c en control v in het reactieveld.

Kaarten

Inmiddels heb ik mijn stapeltje kerstkaarten weer geschreven. Want ik vind dat leuk, kerstkaarten versturen. En ik blijf ze gewoon versturen. Ook naar mensen die ons géén kaartje (meer) sturen. Want dat vind ik zo kinderachtig: ik stuur hen geen kaartje meer hoor want vorig jaar hebben wij ook niets van hen gekregen.

Het argument van ‘Waarom zou ik anderen alleen de beste wensen toewensen rondom kerst en oud & nieuw? Dat doe ik het hele jaar door hoor’ vind ik kul. Want stuurt zo iemand dan, laten we zeggen, op 23 mei op 12 september van het jaar wel een kaartje naar een ander? Met daarin een lieve wens. Ik waag het te betwijfelen.

Natuurlijk wens ik alle mensen om mij heen (mensen waarvan ik houd, mensen die ik tot mijn vrienden en kennissen reken, mensen in de buurt of wat voor mensen dan ook) het hele jaar door het aller-, allerbeste. Maar juist rond de Kerst zet ik die gedachten om in daden door een kaartje te sturen. Dat vind ik mooi en een kleine moeite.

Alles wordt met de hand geschreven (met mijn superfijne vulpen) en in de kaart plaatst ik een korte(re) of lange(re) tekst. De lengte van die tekst heeft meestal te maken met wat de ontvanger(s) mee heeft gemaakt in het afgelopen jaar of wat er gaat gebeuren in het komende jaar. Soms is dat dus nog best lastig want er zijn altijd mensen die verdrietige of nare dingen meegemaakt hebben in het afgelopen jaar, die nog middenin een puinhoop zitten of die een onzekere tijd tegemoet gaan. In sommige gevallen schrijf ik een update over ons gezinnetje zodat de ontvangers ook weer op de hoogte zijn van het reilen en zeilen hier in huis. Is het gewoon een heerlijk saai jaar geweest (en eigenlijk zijn dat de beste jaren volgens mijn moeder), dan volsta ik meestal met het schrijven van een korte groet.

Ach weet je, iedereen moet gewoon helemaal zelf weten of men wel of geen kaarten verstuurt. Waar ik zelf echter niet zo heel erg goed tegen kan zijn mensen die naar tig mensen tegelijkertijd dezelfde email sturen (voor alle duidelijkheid, dan heb ik het over mensen die hun familie en irl-vriendenkring zo’n mail sturen). Dan denk ik eerlijk gezegd wel: ik had liever niets gehad dan zo’n mail. Want persoonlijke aandacht, dát doet het hem. Voor mij.

Dapper

Kijk, dat Grote Zus goed kan tekenen, daarover zijn we het allemaal wel eens denk ik.

Toen Grote Zus twee weken geleden twee zessen kreeg voor een tekenopdracht, kwam dat dan ook behoorlijk aan bij haar. Het viel haar écht tegen. En dat kan ook bijna niet anders als iedereen altijd tegen je zegt dat je goed kunt tekenen, als klasgenootjes tegen je zeggen ‘wow wat mooi’ en als je zelf tevreden bent over je uiteindelijke werkstuk (ze moesten -met inkt- een spooky tekening maken van een kasteel)! De tekenleraar zei een week voordat het werkstuk moest worden ingeleverd nog tegen Grote Zus dat haar tekening mooi was, maar dat ze wel wat netter moest werken (dat van dat netter werken is overigens herkenbaar, Grote Zus is af en toe best slordig).

Kijk, een keer een wat minder punt halen dat kan gebeuren. Natuurlijk en dat geeft ook niets. Maar wat ik erg sneu vond was dat Grote Zus gewoon echt teleurgesteld was, dat ze niet begreep dat een tekening eerst mooi kan zijn om er dan vervolgens ‘maar’ twee zessen voor te krijgen. Kortom: ze zat er mee.

Ik zei tegen haar dat ze, als ze het werkelijk belangrijk vindt, in ieder geval tegen de leraar moest zeggen dat ze ermee in haar maag zit. Haar reactie was: dat durf ik niet want die leraar wordt altijd heel snel boos. Mmm, dacht ik, da’s vrij apart, zeker als je gewoon netjes tegen een leraar vertelt wat je voelt en vindt. Toen opperde ik dat ze het dan misschien tegen haar mentor kon zeggen. Want, zei ik, je hebt twee keuzes: je laat het zo of je doet er iets aan. Maar als je het zo laat, dan mag je er verder niet over gaan zitten ‘mekkeren’.

Grote Zus heeft er inderdaad iets van tegen de mentor gezegd, maar blijkbaar was ze daar toch niet helemaal tevreden mee, want uiteindelijk heeft ze het er vorige week ook nog met de tekenleraar over gehad. Ze vertelde hem dat ze zo teleurgesteld was, maar vooral ook dat ze het niet goed begrijpt. Als hij eerst tegen haar zegt dat het mooi is, hoe kan het dan een week later ‘maar’ een zes waard zijn? En ze wilde ook graag tips van hem, hoe kan ze dan netter werken (dat ze links is en de opdracht met inkt was maakt net werken sowieso wat lastig(er))?

De reactie van de tekenleraar was erg positief. Hij vond het erg knap van haar dat ze het gezegd had (dat maak ik niet vaak mee bij brugklassers) en heeft haar tips gegeven. Als klap op de vuurpijl gaf hij haar uiteindelijk ook nog twee halve punten extra, al was het daar uiteraard niet om te doen geweest.

Grote Zus was helemaal trots op zichzelf omdat ze het gezegd had, en ik, ik ben net zo trots. Want ik vind het verdraaide dapper dat ze de stap nam om haar gevoel uit te spreken!

Amersfoort

De niet-twitteraars onder jullie hebben mij waarschijnlijk helemaal niet gemist dit weekend (want hé, dat wordpress plaatst gewoon logjes als ik daarvoor opdracht geef), maar Mr. T. en ik waren er lekker een weekendje van tussen. Ik vraag me nu dus af of de twitteraars mij wel gemist hebben.

Naar Amersfoort ging ‘de reis’ dit keer. Wow, wat is Amersfoort een mooie oude stad. Echt supergaaf. Ik ♥ monumentale pandjes en oude steden. Vind het zo machtig mooi hoe men vroeger de meest prachtige gebouwen bouwde. Onvoorstelbaar. We moeten zuinig zijn op dit erfgoed!

We hebben heel, heel, heel veel gewandeld. Ons hotel (mooie aanbieding van actievandedag.nl) lag 3 kilometer buiten het centrum. Dus: vrijdagavond heen en terug naar centrum, zaterdag  heen en terug naar centrum, stadswandeling gemaakt en heel veel rondgeslenterd en zondag dik 14 kilometer in de Kaapse bossen gewandeld (we gingen voor de hoogtepuntenroute, maar liepen verkeerd. Da’s nie slim nie. Maar mooi was het wel.) Resultaat van al dat gewandeld spierpijn!!! Heul veul spierpijn. Au dus.

Wat hebben wij het heerlijk gehad met z’n tweetjes. Veel gekletst, gepraat én gezwegen (samen goed tegen stiltes kunnen is ook heel belangrijk vind ik altijd), veel gelachen, kortom: geweldig genoten.

Ik kocht ‘my first make-up’: mascara, oogschaduw, oogpotloodje en lippenstift. Alles van Max Factor, want die werd regelmatig genoemd in mijn make-up-advies-gevraagd-logje én er was een actie van ‘tweede artikel voor de helft van de prijs’. Toen dacht ik zondagochtend: ik zal me ‘ns opmaken en het resultaat was dat er een opgemaakte Mrs. T. door de Kaapse bossen wandelde. Hoe apart is dat dan wel niet?

Verder aten en dronken we voornamelijk heerlijk. We aten hier en hier en dronken (en aten een beetje) ook nog hier, hier (het oudste café van Amersfoort waar we heerlijk glühwein dronken en waar ik Mr. T. inmaakte met een potje schaken (hij is het nog aan het leren, dus lang zal dat inmaken niet meer duren)) en hier (wow, wat is dit een mooie locatie en wat staat er toch iets fantastisch moois daar op de wand geschilderd → kom binnen man, kom binnen vrouw, hier is de hemel altijd blauw. Het ronde plafond is blauw geschilderd, als een heuse hemel met sterren).

De meiden werden prima verzorgd door oma en opa en oom en tante en ook zij hebben genoten. Al met al een meer dan prima weekend!

Volgend jaar weer, waar zullen we dan ‘ns heen gaan?

Oh ja, beetje boel suf was trouwens dat ik de accu van mijn fototoestel donderdagavond wel oplaadde om vervolgens zowel fototoestel als accu te vergeten. Dus helaas pindakaas, geen foto’s.