Flossen

Ach gossie, die arme gevangenen. Ik flos regelmatig, maar heb nooit het idee gehad dat ik met zo’n draadje een wapen in handen had. Je zou er volgens mij best mee kunnen haken of (wild)breien of zo, maar iemand letsel toebrengen dat gaat volgens mij wel erg ver.

Tandenpoetsen doe ik twee keer per dag. Na het ontbijt en voor het naar bed gaan. Afhankelijk van wat ik eet, kan het een keertje vaker zijn. Ik heb nog een heel ouderwetsche tandenborstel die ik zelf op en neer moet bewegen. Altijd eentje uit de categorie ‘zacht’ of ‘medium’. Ik heb me laten vertellen dat harde borstels heel slecht zijn voor je gebit en tandvlees. Desalniettemin (dat blijft toch een mooi woord) wil Mr. T. altijd een harde tandenborstel.

Ik heb helaas in mijn jeugd vrij veel gaatjes gehad en die zijn nog gevuld met van die ‘prachtige’ grijze vullingen. Da’s niet mooi, maar ja, het zit er nu eenmaal in. Misschien toch maar ‘ns aan de tandarts vragen of hij die vullingen niet allemaal kan vervangen.

Hoe zit het met jouw flosgedrag? En de verzorging van je gebit?

Bedtijden en slaapgedrag

Ik heb al wel vaker (1 en 2) gelogd over de bedtijden van Grote en Kleine Zus. Op dit moment is het zo dat Grote Zus, 13 jaar jong inmiddels, op zondag, maandag, dinsdag, woensdag en donderdag om 21.00 uur naar boven gaat. Na wat gerommel en gedoe ga ik haar rond 21.15 uur mijn ongeëvenaarde welterusten-kus brengen (die ze overigens nog steeds wil ontvangen net als ons kleine voor-het-slapen-gaan-ritueel is dat niet schattig?). Op vrijdag en zaterdag mag ze nog steeds 2 uur extra opblijven. Die 2 uur mag ze dus bijvoorbeeld allebei op vrijdag zetten, wat dus betekent dat haar bedtijd op zaterdag op 21.00 uur blijft staan. Zo rigide als het hier staat, zo is het in de praktijk trouwens niet hoor. Het komt vrij regelmatig voor dat ze op vrijdagen en zaterdagen meer uren beneden vertoeft. Maar de afspraken liggen er en die zijn helder.

Grote Zus heeft best haar slaap nodig; als zij te korte nachten maakt dan is ze niet te genieten al kan dat natuurlijk ook aan de pubertijd liggen. Na wat lezen slaapt ze vrij snel in. De laatste tijd gaat ze trouwens steeds vaker met de gordijnen open slapen. Ze vindt het zo leuk om wakker te worden en dat het dan buiten al licht is. Al gaat dat natuurlijk snel veranderen met de naderende winter(tijd). Als ik haar zeg dat ze dan misschien maar zo’n wake-up light moet vragen van Sinterklaas, dan geeft ze echter niet thuis.

Als ik, voordat ik naar bed ga, naar Grote Zus ga kijken om haar een kus op haar hoofd te geven, dan ligt ze altijd met haar voeten onder het dekbed uit. Altijd. Ik kan daar de klok op gelijk zetten. Ik probeer dan vaak het dekbed alsnog over haar voeten heen te trekken maar dat lukt niet omdat ze het dekbed heel ver over haar hoofd heentrekt. Op de een of andere manier wil het er bij haar maar niet in dat ze ook wat ‘lager’ in haar bed kan gaan liggen. Dan liggen en haar voeten onder het dekbed en haar hoofd. Zelf moet ik er niet aan denken om met mijn hoofd onder het dekbed te gaan liggen. Ik heb dan echt het gevoel dat ik niet kan ademen.

Uitslapen begint Grote Zus meer en meer te waarderen. Vaak komt dat er alleen maar op zondag van omdat ze zaterdags vaak vroeg op moet voor het voetbal (we spelen onze thuiswedstrijden om 09.30 uur).

Kleine Zus gaat op zondag, maandag en dinsdag om 19.00 uur naar bed. Op woensdag gaat ze naar voetbaltraining die tot 19.00 uur duurt. Ze ligt dan pas rond 19.45 uur in bed. Op donderdag heeft de bofbips club en die duurt tot 20.00 uur. Op die dag ligt ze dus pas rond 20.30 uur in bed. Op vrijdag en zaterdag geldt voor haar een bedtijd van 20.00 uur. Ook dit zijn basistijden en niet zo heel strikt als vroeger toen ‘Grote’ Zus nog klein was. Dit zeer tot ongenoegen van Grote Zus want ‘Kleine Zus mag veel meer veel eerder en dat is niet eerlijk!’.

Kleine Zus heeft een bak minder slaap nodig dan Grote Zus. Wij sturen haar dus wel mooi om 19.00 uur naar boven, maar vaak ligt ze nog te lezen, te kletsen, te schrijven of te zingen als Grote Zus om 21.00 uur naar bed gaat. Dan kunnen we natuurlijk de conclusie trekken dat we haar te vroeg naar bed brengen, maar dat doen we niet. Haha, nee zeg, we zijn er daar gek. We vinden het wel zo relaxed als een groot deel van de avond kindvrij of half kindvrij is. Daarbij vindt Kleine Zus het geen enkel probleem om ‘zo vroeg’ naar bed te moeten. Ze vermaakt zich prima op haar kamer.

Als Kleine Zus naar bed gaat gaan Mr. T. en ik trouwens altijd mee naar boven. We kletsen op de badkamer tijdens het wasritueel, poetsen haar tanden (helemaal of na) en gooien het kind in bed. Na ons ritueeltje (hetzelfde als van Grote Zus) is het een kus of een zbrt en dan ‘slaap lekker en tot morgen’.

Als ik, voordat ik naar bed ga, bij Kleine Zus ga kijken dan tref ik een rommelhoopje aan. Het dekbed ligt vaak dwars op het bed met het meisje er half onderuit. Uiteraard ligt Oude Beer dicht in de buurt en haar twee andere knuffels zijn ook van de partij (we hebben recent een heleboel knuffels uit het bed verbannen dus deze foto’s kloppen niet meer) evenals een stuk of vijf kussentjes. Ik vind het superschattig als er dan zo’n klein voetje onder al die wanorde vandaan komt. Ik geef haar een kus en soms kust ze in haar slaap terug. Schattig!

Kleine Zus heeft veel minder slaap nodig dan Grote Zus. Ze is vaak al rond 07.00 uur wakker en komt dan geregeld even in het grote bed erbij. Gezellig!

Mr. T. en ik hebben eigenlijk vanaf de geboorte van Grote Zus de afspraak dat hij uitslaapt op zaterdag en ik op zondag. Dat betekent dat Mr. T. bijna altijd op zondag rond 07.00 uur opstaat. De zondagochtend is bij ons namelijk de enige ochtend dat er televisie gekeken mag worden. Grote Zus vroeger en Kleine Zus nu zijn daar uiteraard gek op. Vaak staat Mr. T. dus op met Kleine Zus om, na het ontbijt, verder te slapen op de bank. Heel soms, als we een feest hebben op zaterdagavond waarvan we laat terug verwachten te komen, dan smeren we alvast broodjes voor Kleine Zus die ze dan op zondagochtend uit de koelkast haalt om in haar eentje op te peuzelen voor de televisie. Dat vindt ze misschien nog wel leuker dan dat papa erbij is! Om helemaal alleen de baas te zijn van de afstandsbediening te zijn.

Hoe zit/zat het bij jou met bedtijden en rituelen?

Bedrijfskleding

Ik heb best veel kleding. Dat durf ik best toe te geven. Mr. T. heeft veel minder kleding. Heel veel minder. Hoe dat komt? Nou, voor een deel natuurlijk omdat hij een man is die kleding niet heel erg belangrijk vindt. Ergens vind ik dat dan weer best jammer. Mr. T. immers is happy met een spijkerbroek en een shirt. Da’s genoeg. Vindt hij. Schoenen? Die heeft hij twee paar. Eén paar werkschoenen en één paar wandelschoenen. Dat zijn hoge zwarte schoenen en die heeft hij altijd aan. Als hij niet aan het werk is tenminste of gewoon thuis is want dan loopt hij op zijn sokken (of op zijn klompen hoe opwindend is dat dan wel niet?). Mr. T. heeft geen zomerjas en zijn winterjas (een zwarte ribjas) heeft hij denk ik al 12 jaar. We kunnen dus best de conclusie trekken dat Mr. T. niet heel erg bezig is met kleding. En echt, ik doe mijn best, maar het lukt niet om hem wat hipperder te krijgen. Ach, eigenlijk is hij gewoon prima!

Van zijn werk krijgt Mr. T. bedrijfskleding: donkerblauwe werkbroeken, donkerblauwe poloshirts en truien en beige korte broeken. Op zijn werkdagen draagt hij die kleding dus en vaak ook nog ‘s avonds. Die poloshirts, daar houd ik van, want die hoeven niet gestreken te worden! En ik weet dan wel dat ik zelden strijk hier in huize Triltaal, maar alleen het idee dat ze niet gestreken hoeven te worden biedt natuurlijk al heel veel rust. Die werkbroeken echter, dat zijn heuse strijkdrama’s.

Sinds mijn nieuwe functie heb ik eigenlijk ook bedrijfskleding want een mantelpakje of een heuse pantalon reken ik niet tot mijn persoonlijke favorieten.

Ergens lijkt het me wel handig hoor: bedrijfskleding. Gewoon iedere dag hetzelfde aan, niet na hoeven denken over wat je aan moet doen, welke afspraken je hebt en wie je dan gaat ontmoeten.

Of uniformen op school. Lijkt me ook zwaar relaxed. Geen gedoe meer van een stressende dochter die eigenlijk ook zo’n jas van Adidas (al begrijp ik dat dat ook wel weer een beetje uit is?) wil en zo’n schoenen (waar ik dan dus wel aan toegaf, soms ben ik best lief) en dit rokje en zo’n vestje en zo’n bloesje en zo’n …. Jaaa, ik zie het helemaal zitten: we voeren het schooluniform weer in! ;-)

Tonio

Ik las laatst ‘Tonio, een requiemroman‘. Waar gaat dit boek over?

Op de Eerste Pinksterdag van 2010 komt Tonio van der Heijden, het enig kind van A.F.Th. van der Heijden en Mirjam Rotenstreich, bij een verkeersongeval om het leven. Het is vroeg in de ochtend als hij, ter hoogte van het Vondelpark in het centrum van Amsterdam, wordt geschept door een auto. Hij wordt in kritieke toestand naar het Academisch Medisch Centrum vervoerd, waar hij diezelfde dag aan zijn verwondingen overlijdt. Tonio zal niet ouder worden dan 21 jaar.

A.F.Th. van der Heijden doet het enige waar hij op dat moment toe in staat is: in zijn herinnering graven, aantekeningen maken, schrijven. Daarbij voortgedreven door twee dwingende vragen: wat gebeurde er met Tonio in de laatste uren en dagen voorafgaand aan de ramp, en hoe kon dit ongeluk plaatsvinden? Een zoektocht naar het wat en het hoe, die leidt langs verschillende ooggetuigen, vrienden, politiemensen, artsen en het mysterieuze meisje Jenny, dat in de laatste weken van Tonio’s leven een cruciale rol blijkt te hebben vervuld.

Tonio vormt de neerslag van die zoektocht. Een nauwgezette reconstructie van een jongensleven en een radeloze queeste naar zin en betekenis.

Ik weet niet hoe of wat over dit boek te schrijven, als ik alle gevoelens die het bij me opriepen zou beschrijven dan zou dit logje eindeloos worden.

Dit boek gaat in je zitten en laat je niet meer los. Het verliezen van een kind is het grootste drama dat ouders kan overkomen en wordt door Van der Heijden prachtig en ontroerend beschreven. Ik snap dat hij het op schrift stelde, maar regelmatig vond ik het ook te intiem, te pijnlijk, te heftig. Af en toe verbaasde ik me oprecht over de manier waarop hij en/of zijn vrouw reageren, maar ja, is er een goede manier om te reageren op het verlies van een kind? Ik denk dat je dit boek moet lezen. Dat denk ik echt.

Geef me de vijf (4)

En nummertje vier alweer (nummer 1nummer 2 en nummer 3)! Hieronder vijf vragen, kan jij vijf antwoorden per vraag geven?

  1. Vijf dingen waar je geweldige herinneringen aan hebt …
  2. In het kader van dierendag: je vijf favoriete dier(soort)en …
  3. Vijf dingen waar je niet graag naar toe gaat …
  4. Vijf soorten snoep waar jij je vingers bij aflikt …
  5. Vijf websites (geen blogs) die je dagelijks bezoekt …

Om de antwoorden gemakkelijker te kunnen lezen, selecteer de vragen, control c en control v in het reactieveld.