Het Puttertje

Donna Tartt schreef een prachtig en ongeëvenaard werk met ‘De verborgen geschiedenis‘ dus ik had hooggespannen verwachtingen toen ‘De kleine vriend‘ uitkwam. Helaas was haar tweede boek, voor mij, een treurige ervaring. Louter op wilskracht heb ik het boek uitgelezen om het daarna snel te vergeten. Maar nu is er een derde Tartt verschenen: ‘Het puttertje‘.

Waar gaat ‘Het puttertje’ over?

Theo Decker, een dertienjarige jongen uit New York, overleeft op wonderbaarlijke wijze een aanslag waarbij zijn moeder om het leven komt. Zijn vader is een paar maanden daarvoor verdwenen en Theo komt na de aanslag bij de familie van een rijke vriend terecht. Hij is verbijsterd door zijn nieuwe leefomgeving, verward door zijn klasgenoten die het moeilijk vinden met hem om te gaan en diepbedroefd door het verlies van zijn moeder. Theo vindt houvast aan dat ene object dat hem aan haar doet denken: een klein, mysterieus schilderij, dat hem uiteindelijk in de onderwereld van de kunst doet belanden.

Zo hé, wat mij betreft is Tartt weer terug op haar oude niveau. ‘Het puttertje’ is een prachtig boek dat de jonge Theo volgt na het overlijden van zijn moeder. Tijdens zijn vlucht uit het getroffen museum neemt hij een schilderij mee dat vervolgens jaren als een zwaard van Damocles boven zijn hoofd zal hangen. Zoals het vogeltje op het schilderij vastgeketend is, zo is Theo feitelijk geketend aan het schilderij. Het doet hem herinneren aan zijn moeder en zijn moeder is er niet meer.

Theo komt per toeval terecht bij een rijk gezin, wordt na een tijd ineens opgehaald door zijn vreemde (en dat is een understatement) vader en diens vriendin, verhuist naar Las Vegas, ontmoet daar gewiekste Boris die ook een heel verleden met zich meezeult, keert na het overlijden van zijn vader terug naar New York waar hij intrekt bij een oude heer die meubels restaureert. En door al die fases heen maakt hij de meest bizarre dingen mee, slaat hij los, wil hij dat eigenlijk niet maar is zijn verdriet en wanhoop te groot om te dragen en maakt hij het zichzelf tegelijkertijd erg moeilijk met zijn nooit stoppende gedachten die maar malen en malen …

Een mooi stukje uit het boek:

Oké … ik moet zeggen dat ik persoonlijk nooit zo’n scherpe grens trek tussen ‘goed’ en ‘slecht’ als jij. Voor mij klopt die grens heel vaak niet. Die twee staan nooit los van elkaar. Het ene kan niet bestaan zonder het andere. Zolang ik uit liefde dingen doe, denk ik dat ik het beste doe wat ik kan. Maar jij, jij zit in een cocon van oordelen, met altijd spijt van verleden, je vervloekt jezelf, geeft jezelf de schuld van dingen, bij jou altijd ‘wat als’, ‘leven is wreed’, ‘ik wou dat ik zelf dood was gegaan in plaats van …’. Ik geef je wat om over na te denken. Stel dat al je daden, al je beslissingen, goed of kwaad, voor God geen verschil maken.

De schrijfstijl is prettig, Tartt schrijft prachtige zinnen vol beeldspraak en emoties. Het is gewoon een genot om dit boek te lezen. Tartt heeft wat mij betreft de teleurstelling van ‘De kleine vriend’ meer dan goed gemaakt.

hp-dt 002

100

Laatst las ik in de krant dat de kans dat een meisje dat nu geboren wordt de leeftijd van 100 jaar bereikt 50% is. Dat is niet niks. Ik vraag me tegelijkertijd wel af of je dat moet willen: 100 jaar worden. Ja natuurlijk moet je dat willen. Mits je gezond van lijf én geest blijft. Want dat lijkt me toch wel een voorwaarde om dit heuglijke feit écht te kunnen vieren.

Wat heb je er aan als je 100 wordt en je weet niet meer dat je überhaupt leeft of je lijf heeft je zo in de steek gelaten dat je veel pijn hebt, wellicht niet meer mobiel bent en ook niet meer kunt zien omdat je op 70-jarige leeftijd al een keer aan staar geopereerd bent. Of zou men tegen die tijd staar voorgoed kunnen genezen?

En hoe zit het dan met andere ouderdomskwalen en ziektes. Moet een bevolking die terugloopt wat geboortes betreft er wel blij mee zijn dat mensen steeds ouder worden? Ik denk aan de hele discussie over het ophogen van de pensioenleeftijd. In mijn ogen is dat verhogen overigens volkomen terecht. Als mensen in de toekomst standaard nog ouder worden betekent dat dat die leeftijd op een bepaald moment nog hoger opgetrokken moet worden.

Mijn schoonvader is nu dik 90 jaar en natuurlijk zijn we heel blij met het feit dat hij er nog is. Maar 90 is een hele leeftijd. Hij is nog steeds, zowel geestelijk als lichamelijk, hartstikke fit al trilt hij wel enorm met zijn handen. Een ander groot euvel is zijn zicht. Hij ziet nog maar een heel klein beetje en dan wordt je wereld veel kleiner. Lezen met een loep met licht gaat al bijna niet meer. Het autorijden heeft hij al twee jaar geleden opgegeven. Hij heeft het geluk dat hij drie zeer trouwe kinderen heeft die hem vaak bezoeken. Ging Mr. T. vroeger zo vaak hij kon naar zijn moeder, ook nu nog gaat hij zo veel mogelijk naar zijn vader. Ook zijn zussen doen dat. Het is met de mantelzorg richting hem dus wel geregeld.

Maar stel dat men straks ‘standaard’ 100 jaar wordt. Hoe moet dat dan met mantelzorgen als je kinderen rond de 70 zijn? Wellicht zijn dat krasse 70-ers, maar voor hetzelfde geld mankeren zij ook al het een en ander of moeten ze nog steeds werken omdat de AOW-leeftijd op 75 is gezet of moeten zij op dat moment op hun kleinkinderen passen want hun kinderen zijn dan uiteraard allebei fulltime aan de slag om ons zorgstelsel nog een beetje op poten te houden.

Ik denk dat er een boel werk aan de winkel is, willen we ook in de toekomst nog een beetje van een fatsoenlijke oude dag genieten.

Vriendenboekje

Voor mijn vijftiende verjaardag kreeg ik van mijn vriendinnen E en M een vriendenboekje. Nu lopen kinderen van 4 of 5 jaar al met die boekjes rond, maar ik ontdekte het fenomeen pas toen ik 15 werd. In ieder geval: het boekje werd helemaal volgepend door mijn vriend(innet)jes en klasgenootjes.

Op de eerste foto een deel van de antwoorden die ik 28 (!) jaar geleden gaf. De tweede foto bevat de antwoorden van vriendin E. Van onze wens is uiteindelijk niet veel terecht gekomen!
OLYMPUS DIGITAL CAMERA OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Je begrijpt het al, dit wordt een vriendenboekvragenlijstje. Ik vraag je om terug te gaan naar de tijd dat je zelf een jaar of 15 was (zet er ook even het jaartal bij voor de duidelijkheid) en probeer onderstaande vragen in te vullen (voor zover je de antwoorden nog weet).

  1. Mijn fijnste schoolvak: …
  2. Mijn hobbies: …
  3. Mijn favoriete sport: …
  4. Mijn idool: …
  5. De beste (pop)groep: …
  6. Tophit: …
  7. Het beste TV-programma: …
  8. Mijn mooiste film: …
  9. Mijn lievelingsdier: …
  10. Het lekkerste eten: …
  11. Ik hou helemaal niet van: …
  12. Het meest houd ik van: …
  13. Mijn liefste wens: …
  14. Wat ik later worden wil: …

Om de antwoorden gemakkelijker te kunnen lezen, selecteer de vragen, control c en control v in het reactieveld.

Primark

Afgelopen maandag nam ik een dagje vrij en gingen we met het gezin naar Corpus. Dat is echt heel leuk en zowel Grote als Kleine Zus heeft zich er prima vermaakt. Nou is Corpus geen dagbesteding, met een uurtje of drie ben je daar wel klaar en wat dan te doen?

In eerste instantie dachten we aan shoppen in Leiden maar … Grote Zus zou zo graag een keer naar de Primark willen. En laat er die nou één in Rotterdam zitten. Op naar Winkelcentrum Alexandrium dus waar ook een Primark gevestigd is.

Ik had er al wel wat van gehoord van die Primark. Dat het er heel druk is en dat het er spotgoedkoop is, maar man man man, de Primark was voor mij een grote shock. ‘Ach,’ dacht ik, ‘druk, dat zal wel meevallen’. Nou, dat viel niet mee. Het was er druk! Enorm mierenhoperig, akelig, viezig, rommelig druk. Lange, lange rijen voor de kassa’s en voor de paskamers. Met als gevolg dat je overal mensen kleding ziet passen.

En een bende! Ongelooflijk wat een bende. Overal tafels vol met bergen kleding, onder rekken lag van de kleerhangers gevallen kleding en van alles door elkaar heen. Geen beginnen aan als je iets uit wilde zoeken.

En ja, alles spotgoedkoop. Ik snap dus best dat Grote Zus hier graag een keer heen wilde, want tja kleedgeld. Maar ook zij liep het eerste kwartier dat ze binnen was wat vertwijfeld rond: waar moet ik in hemelsnaam beginnen?

Mr. T. vond er al helemaal niets aan en om zich toch nog een beetje nuttig te maken is hij op een gegeven moment maar in de rij voor de kassa gaan staan. Daar heeft hij zo’n drie kwartier gestaan en toen was Grote Zus wel klaar met haar shoppingronde zodat zij haar buit aan Mr. T. kon overhandigen die toen bijna aan de beurt was. Echt waar: drie kwartier in de rij voor de kassa! En veel mensen met overvolle Primark-shopping-tassen! Wat nou crisis?

Grote Zus heeft vier best leuke dingetjes gekocht, maar ik vraag me af wat de kwaliteit zal zijn. Ik geloof dat het Primark-concept het slechtste in ons oproept. Verhitte gezichten, dat wat je niet leuk vindt of wat niet past, gewoon maar ergens droppen, voordringen, ik zag zelfs twee vrouwen ruziën over een truitje van € 12,=.

Mijn nichtje was er toevallig ook afgelopen maandag. Zij en haar dochters wilden graag meteen na openingstijd naar binnen. Toen zij om 10.45 uur arriveerde stond er gewoon al een hele rij met wachtende mensen! Ongelooflijk! Enfin: dit was wat mij betreft eens maar nooit weer. In november opent er -oh hoezee- een Primark in Eindhoven, dus dan kan Grote Zus er zelf heen als de nood hoog is. Het was in ieder geval een bijzondere ervaring die Primark.

Na dit grote avontuur hebben we nog een paar uurtjes door Alexandrium rondgehobbeld (en echt, druk, wat nou crisis? Zelfs overvolle eetgelegenheden) en heeft Grote Zus nog een paar leuke kledingstukken gescoord en deden we nog wat andere inkopen.

Heb jij al ooit kennis gemaakt met Corpus of de Primark?

Haar

Ik zal maar met de deur in huis vallen: ik heb dun haar. Of ik heb weinig haar. Of fijn haar. Dat kan ook. Ik weet het eigenlijk niet zo goed. Feit is dat mijn hoofdhuid vaak door mijn haar heen te zien is. En dat vind ik niet leuk niet. Maar ja, wat doe je eraan?

Zo’n shampoo of ander reteduur middel tegen dun/weinig/fijn haar, daar ben ik nog niet aan begonnen en volgens mijn kapster heeft dat ook heel weinig zin. Maar misschien is er ergens nog een wondermiddel?

Ik ben echt fan van mijn haar als het superkort en superzwart geverfd is. Maar dat is eigenlijk geen porum: zwart haar en allemaal hoofdhuid daartussen. Dus ik ben al enige tijd afgestapt van het harde zwarte en verf het nu in wat zachtere, maar nog steeds donkere, tinten.

Per jaar zijn er zo’n 8 dagen waarop mijn hoofdhuid niet opvallend door mijn haardos piept en dat terwijl ik dan net geknipt ben. Da’s raar nietwaar? Nee hoor, dat is heel gemakkelijk te verklaren. Het zijn de dagen net nadat mijn haren geverfd zijn en een wasbeurt mijn hoofdhuid nog niet helemaal schoon heeft gekregen. Door de verf is mijn hoofdhuid ook wat donkerder en daarom valt het eigenlijk niet op dat ik zo weinig haar heb.

Ik zit er nu dus hard over te denken om mijn hoofdhuid een beetje donker te laten tatoeëren. Of nee, dat ik kan ik beter niet doen want als ik uiteindelijk toegeef aan het feit dat ook ik grijzer word en dat maar laat gebeuren, dan past de ondergrond niet meer bij het grijze dek. ;-)

Enfin, ik moet het er maar meer doen. Maar echt, als ik een wens zou mogen doen dan wenste ik 10% van de haren van Kleine Zus op mijn hoofd!

Hoe zit het met jou? Veel, weinig, dik, dun haar?

Emigreren

Nadat ik op zondagochtend mijn rondjes op de hometrainer heb gedraaid is het tijd voor mijn oefeningen. Terwijl ik die doe, staat de televisie aan en vaak kijk ik dan naar Omroep Brabant (vaak ook niet trouwens, het ligt helemaal aan wat er op dat moment uitgezonden wordt).

De laatste zondagen is er een programma op over Brabanders die geëmigreerd zijn naar het (verre) buitenland. Het heeft niet heel veel om het lijf, maar het is tegelijkertijd heerlijke televisie en ik vind het vooral leuk om te zien hoe de streek eruit ziet waar men naartoe is geëmigreerd.

Een neef van mij is geëmigreerd naar het voormalige Oost-Duitsland. Hij woont in de buurt van Berlijn en dat is vanaf hier zo’n 6 uur rijden. En al is dat in deze tijd dus bijna naast de deur, ik vind het nogal wat hoor. Het lijkt mij ook voor mijn oom en tante niet niks. Zij zien hun zoon en schoondochter én de twee kleindochters gewoon heel erg weinig. Misschien juist omdat het relatief dichtbij is en de kinderen al wat groter zijn, wordt de reis terug naar hier nog maar hoogst zelden gemaakt.

Tegenwoordig zijn er gelukkig wel allerlei moderne communicatiemogelijkheden die ervoor zorgen dat men snel met elkaar in contact kan treden als dat nodig is. Hoe anders was dat een jaar of 60 geleden! Als je zoon of dochter dan vertrok naar Australië, Nieuw-Zeeland, Canada of een ander Verweggistan, dan kon het zijn dat je hem of haar nooit meer terugzag.

Veel mensen vinden Nederland vol, dat we intolerant zijn geworden en dat er veel te veel regels zijn. Voor een deel klopt dat helaas ook, maar ik zie vooral de goede dingen van Nederland en die blijf ik zien. Daarnaast zijn er, ook in Nederland, meer dan genoeg prachtige stukken natuur en zijn er echt nog wel plekken waar het gewoon stil is. Het zou, op dit moment, echt niets voor mij zijn om te emigreren. Echt helemaal niets. Ik zou de mensen en dingen hier veel te veel missen.

Hoe zit dat met jou? Heb je ooit gedroomd van emigratie? Zou je het durven? En waar zou je dan heen willen gaan? Of heb je het wellicht gedaan? Kortom: vertel!

Prada

De duivel draagt Prada‘ is al uit 2005 maar ik had het nog nooit gelezen. Het trok gewoon niet. Laatst echter kwam het vervolg op dit boek uit en daar werd zo veel over geblogd, dat ik dacht, misschien moet ik toch maar ‘ns kijken of ik het wat vind. En dan begin je natuurlijk met deel 1.

Waar gaat ‘De duivel draagt Prada’ over?

Andrea Sachs, vers uit de collegebanken, is net aangenomen als de nieuwe assistent van de alom gevreesde en bewonderde hoofdredacteur van het tijdschrift Runway, Miranda Priestley.
Runway is hét blad op modegebied, de lieveling van alle ontwerpers. Op de redactie komen de bekende namen van alle kanten op je af: Prada! Armani! Manolo’s! Versace! Er lopen alleen maar heel magere, zeer stijlvolle vrouwen rond, en mooie mannen in strakke zwarte coltruien en strakke leren broeken. En met een haast kinderlijk gemak weet Miranda al deze succesvolle, hippe mensen te reduceren tot trillende kleine kinderen.
Andrea vertelt op een frisse, ontwapenende manier over het leven van hen die aan de top staan en over hoe iemand die aan de top staat het leven van ondergeschikten tot een hel kan maken en alle gevoel voor realiteit verliest.
Zo laat Miranda de nieuwste Harry Potter invliegen voor haar schatjes van kinderen, laat ze Andrea haar gigantische telefoonrekening voorschieten en moet haar ontbijt precies op de seconde nauwkeurig voor haar staan. Elke dag wordt Andrea zwaar op de proef gesteld, en vaak ook ‘s nachts, als de commando’s van Miranda door de telefoon klinken.
Terwijl haar werkdagen steeds langer worden en de eisen steeds extremer, realiseert Andrea zich dat het baantje waar duizenden vrouwen een moord voor zouden doen haar het leven flink onmogelijk maakt.

Ik vond  het een prima boek voor zo even tussendoor. Er zit veel humor in, maar eerlijk gezegd ergerde ik me al vrij snel groen en geel aan Andrea. Echt heel geloofwaardig vond ik het dus niet overkomen allemaal. Als je in zo’n situatie zit, dan zorg je er toch voor dat er iets verandert en als dat niet je macht ligt, dan trek je toch je conclusies? Enfin: prima dus voor tussendoor.

Of ik deel 2 ga lezen, dát weet ik eigenlijk nog niet. Er zijn zoveel andere boeken te lezen!
dddp

Seizoen 2013-2014

Wat voor moois brengt theaterseizoen 2013-2014 ons dit keer? Mr. T. beet het spits af, hij ging op 8 september met een paar vrienden naar Roger Waters. In 1990 en 2011 zag ik The Wall ook al dus ik denk dat ik in 2032 wel weer ga (of zou Waters dan écht achter de geraniums zitten?).

Kleine Zus ging op 21 september met oma naar Kleintje BMT. En da’s heel speciaal, want ze ging naar een avondvoorstelling en er speelt een meisje van mijn voetbalelftal mee! De voorstelling was superb!

Vervolgens gingen Mr. T. en ik gisteren naar ‘U bent mijn moeder‘ en daar was ik erg benieuwd naar. Niet in het minst omdat mijn lieve vriendin Yvonn die rol een tijd geleden ook vertolkte en het onderwerp Mr. T. en mij na aan het hart ligt. Ik heb genoten van het mooie en kleine spel maar was tegelijkertijd blij dat het niet te dichtbij kwam. Natuurlijk was mijn schoonmoeder hartstikke dement, maar zij was lief dement. In dit stuk was er toch een zekere kilte tussen moeder en dochter.

Een gevalletje slechte planning van het theater maakt dat wij vandaag weer in het theater zitten. Onze grote held en oud-dorpsgenoot ‘Theo Maassen‘ betreedt dan de bühne om ons zijn oudejaarsconference voor te schotelen. We zijn erg benieuwd.

En dan nog is het theaterbezoek in oktober niet voorbij. Op 18 oktober 2013 gaan we naar Mark van de Veerdonk. Van de Veerdonk komt hier uit de buurt en hij treedt op in het dorpshuis om te vieren dat dat prachtige gebouw inmiddels al weer twee jaar in gebruik is.

Een week later mag ik met vriend W weer naar Guido Weijers. Net als bij zoveel cabaretiers heb je lovers of haters en ik moet zeggen dat ik Weijers toch wel love.

Op 8 november is het tijd voor weer iets anders. Mr. T. en ik bezoeken dan ‘Knock out’ van Percossa. We zijn erg benieuwd en laten het geweld maar over ons komen.

Vriend W en ik gaan ook nog even naar Depeche Mode. Dat doen we op 7 december en het is de eerste keer dat ik het  Ziggo Dome van binnen ga zien.

Vervolgens staat er op 12 december weer een cabaretvoorstelling op het programma. Sara Kroos verraste ons vorig jaar met een geweldige show, dus we zijn benieuwd of ze dat met ‘Van Jewelste‘ gaat evenaren.

Dan hebben Mr. T. en ik voor Grote en Kleine Zus op 28 december een verrassing. Op die dag gaan we namelijk met ons viertjes naar ‘Soldaat van Oranje‘. Een aantal mensen die we kennen zijn daar geweest en zijn laaiend enthousiast en we bedachten dat dat een leuk uitje zou zijn voor de Kerstvakantie.

Nog maar een paar weken geleden stond er op de plaatselijke nieuwssite een berichtje dat Claudia de Breij in januari 2014 twee keer naar het theater hier komt. Ha, wij vinden haar super. Dus Mr. T. scoorde snel twee kaartjes. Hij kon daarvoor mooi de theaterbon gebruiken die hij voor zijn verjaardag kreeg.

Mr. T. gaat drie dagen later (weer een gevalletje slechte planning) naar een of andere U2-coverband. Omdat ik niet zoveel met U2 heb, mag hij dat met vriend W. gaan doen.

In februari gaan Mr. T., mijn ouders en ik naar Gerard van Maasakkers. Gerard maakt prachtige en pure muziek en iedere keer is het een feestje om van zijn shows te mogen genieten.

Kleine Zus mag in april mee naar een beestachtige familiemusical. Dan komt ‘Jungle Book‘ namelijk en we zijn erg benieuwd naar deze show. En ook in april gaan vriend W en ik een onbekend talent ontdekken. Ik ben erg benieuwd naar dit heerschap. Jullie lezen hier ongetwijfeld of het wat was.

Omdat wij, samen met vriend W toch best goede sponsors zijn van het theater krijgen we elk jaar ook een aantal vrijkaartjes die te besteden zijn aan een aantal geselecteerde voorstellingen. Mr. T. maakt twee van die jaartjes op als hij op 12 april naar Tubular Bells gaat. Nou vind ik de eerste twee minuten daarvan erg mooi, maar daarna verveelt het mij eigenlijk vrij snel. Dus gaat Mr. T. samen met zijn zus. Iets met jeugdsentiment geloof ik. ;-)

En dan is het weer de beurt aan Kleine Zus. ‘De kleine prins‘, wie kent dat boek niet, staat op 21 april op het programma. Ik ben erg benieuwd naar deze voorstelling. Ik hoop Kleine Zus ook.

Het laatste kaartje van dit jaar is voor mij. Vorig jaar had ik al een beetje spijt van het kaartje, maar vriend W wilde zo graag en anders moest hij helemaal alleen en dat is ook zo sneu. Hopelijk vind ik Veldhuis en Kemper dit keer wel leuk.

De oplettende lezer (en ik vraag me af of er überhaupt iemand dit hele logje heeft gelezen) valt het nu op dat er dit jaar op Soldaat van Oranje na geen enkele voorstelling voor Grote Zus bij zit. Tja, dat klopt. Ze kon niet echt iets vinden waarover ze heel enthousiast werd dus dan slaat ze dit jaar maar over.

Het is weer een hele lijst geworden en al die bezoekjes kosten best een boel geld. Maar tegelijkertijd vinden we herinneringen maken en theaterbezoek onbetaalbaar en daar zetten we graag een deel van ons salaris voor opzij.