Open brief aan heel rijke en daardoor waarschijnlijk ook machtige mensen

Beste heel rijke en daardoor waarschijnlijk ook machtige meneer of mevrouw,

Ik schrijf u een open brief om u te melden dat ik niet heel veel van u begrijp. Dat ik niet heel veel begrijp van uw nijpende wens om steeds rijker en machtiger te worden. Heus, ik begrijp daar niets van. Wat is daarvan dan het nut? Wordt u daar per definitie gelukkiger van?

Natuurlijk, ik ken u niet. Ik ken uw beweegredenen om te doen wat u doet niet. En uiteraard zal het gros van u van goede wil zijn. Maar toch. Waarom dan steeds meer, meer, meer?

Heeft u kinderen? Kleinkinderen misschien? Denkt u nooit aan hun toekomst? Of gaat u ervan uit dat u, mocht de nood ooit écht aan de man komen, u uw familie en uw dierbaren wel kunt beschermen tegen die rampspoed. Heeft u in uw tuin een bunker die bestand is tegen de grootste natuurrampen, de heftigste oorlog. Een bunker vol met luxe, voorraden voor tientallen jaren, ongetwijfeld een zwembad, sauna en wat u nog meer nodig denkt te hebben. Zodat u en uw geliefden die rampspoed zult overleven. Maar hoe zit het dan met ons, arme stumperds. Of mijn kinderen en kleinkinderen?

Denkt u nooit aan de toekomst van al die miljoenen en miljoenen andere mensen? Mensen die het ongeluk hebben (al weet ik niet of het een ongeluk is natuurlijk) om niet zoveel geld op de bank te hebben, mensen die maar wat aanmodderen, maar tegelijk dus ook die mensen die waarschijnlijk deels de prijs betalen voor uw rijkdom en macht? Natuurlijk chargeer ik, en ik weet ook heus wel dat ik u niet allemaal over een kam mag scheren. Maar schaamt u zichzelf niet als u zich realiseert dat u, samen met een aantal anderen, net zoveel bezit als pak ‘m beet 80% van de wereldbevolking. Schaamt u zich dan niet kapot? Schaamt u er zich niet voor dat u alleen maar rijker lijkt te willen worden. En machtiger? En dat vaak ten koste gaat van heel veel. Ten koste van andere mensen, ten koste van natuur en milieu? Schaamt u zich daar niet voor? Wanneer heeft u genoeg? Bent u nou nooit ‘ns tevreden? Nee, echt niet, ik ben niet jaloers, bij lange na niet. Ik zal eerlijk bekennen: soms droom ik ook wel van de jackpot, maar ik zou me geen raad weten met zoveel geld. Ik zou er denk ik zeker niet gelukkiger van worden.

Uiteraard begrijp ik best dat al dat geld dat u waard bent waarschijnlijk deels vast zit in bedrijven, onroerend goed, niet bestaand geld waarmee u nog meer geld maakt en wat dies meer zij. Maar ik weet zeker dat u ook nog gewoon heel veel geld op de bank heeft staan. Veel meer dan dat u ooit uit zult kunnen geven. Veel meer dan dat u, uw kinderen, kleinkinderen, achter-et-cetera-kinderen ooit op zullen kunnen maken. Ongetwijfeld zult u ook best af en toe goede doelen steunen, misschien stopt u daar wel heel veel geld in waardoor u heel veel goeds doet en dat juich ik uiteraard van harte toe. Waarschijnlijk heeft u af en toe ook wel het idee dat u het toch nooit goed doet in de ogen van al die minder bedeelde of minder machtige mensen. Dat kan best. Dat weet ik niet. Ik sta immers niet in uw schoenen.

Weet u, ik vind het maar oneerlijk verdeeld allemaal. En er zijn een heleboel dingen die mij best wel zorgen baren. Ik denk dat ik dan ook nog wel wat meer open brieven zal gaan schrijven. Open brieven die waarschijnlijk door niemand gelezen zullen worden, en die eigenlijk nooit volledig zullen benoemen wat ik wil zeggen. Wat ik wil zo ontieglijk veel zeggen. Tegen zoveel mensen in de wereld. Tegen rijke mensen, asociale mensen, lieve mensen, arme mensen, oneerlijke mensen, grove mensen. En ik zou ook zoveel tegen mezelf willen zeggen. Sterker nog: ik zeg al heel veel tegen mezelf. Tegelijk weet ik dat ik dat wat ik wil zeggen nooit allemaal op papier zal krijgen. Er is gewoon niet genoeg ruimte voor beschikbaar. Het zou waarschijnlijk ook totaal onbegrijpbaar worden en een eventuele nuancering zou ook ontbreken. Waardoor het er maar staat te staan. En misschien/waarschijnlijk niet begrepen zal worden. Of misschien toch wel. Maar resultaat zal het niet hebben, dat staat wel vast. Het enige resultaat is dat ik het nu even kwijt ben. En dat is fijn.

Nou dag dan maar rijke en machtige meneer of mevrouw en met heel vriendelijke groeten,

Mrs. T.

8 gedachten over “Open brief aan heel rijke en daardoor waarschijnlijk ook machtige mensen

  1. Ik begrijp de insteek van je brief. Toch vind ik hem lastig, omdat ik er niet van uit ga dat elke rijke/machtige persoon zo is. Iemand die niet om het milieu en welzijn geeft. Er zijn genoeg voorbeelden van rijke mensen die zich juist bewust zijn van de invloed die zij hebben en vinden dat ze de verantwoording hebben om dit ten goede van de maatschappij/mens/milieu in te zetten.

    Ik had het er nog over met manlief. Mochten we ooit een groot geldbedrag winnen dat we niet meer hoeven te werken, zou ik een stichting willen starten. Juist om de anderen te helpen die niet het geluk hadden. Me daarvoor voor willen inzetten. Ik zou graag groter willen wonen, omdat we een mini tuin hebben en ik onze kinderen een fijne achtertuin gun. Maar ik heb het al getroffen met alle rijkdom die ik wel heb. Gezondheid, liefde, de reizen die we maken. Het is al goed zo. Maar als ik dus wel veel geld heb, gaan we verhuizen, koop ik een 2e kleine auto met airconditioning en ga ik me eens concentreren op de initiatieven die er lopen in mijn woonplaats om te kijken wat ik lokaal kan betekenen. En uiteraard… dan gaat het eenmalige plastic helemaal de deur uit, want dan heb ik altijd genoeg geld om duurzame alternatieven te betalen.

    • Ik snap je reactie. Enne, ik schrijf ook dat ik denk dat het merendeel van goede wil zal zijn. Dat denk ik oprecht. Het is alleen zo, en dat is een aanname mijnerzijds dat weet ik ook wel, dat het deel dat niet van goede wil is waarschijnlijk juist die mensen zijn die boel voor ons allemaal aan het verzieken is. Of zoiets.

  2. Wat een betoog, knap! Mensen die geld hebben lijken ook steeds hebberiger te worden. En als je handig bent dan maak je met geld weer meer geld. Dus dat werkt dat weer in de hand. Ik ben het helemaal met je eens dat het niet eerlijk verdeeld is in deze wereld. Vooral de meervoudige miljonairs en miljardairs.. ik zou me kapot schamen als ik alles voor mezelf zou houden…

  3. Heel veel geld lijkt juist zorgen in de hand te werken, Veel rijke mensen zijn erin opgegroeid en weten niet beter dan dat het méér moet worden. Ooit had ik een discussie met iemand van dit soort, Dat ik vond dat bezuinigen voor wat minder goed bedeelde mensen harder aan kwamen , zij zouden er soms minder beleg op de boterham door hebben terwijl iemand met veel geld er misschien hooguit een cognacje minder door kon drinken.
    De man, iemand die zich inderdaad ruim een goede cognac kon permitteren, beweerde met droge ogen dat voor zo’n man dat drankje minder misschien wel méér méér impact heeft dan die karig belegde boterham voor iemand die al niet veel gewend is.

  4. Ik snap het ook niet zo goed wat iemand beweegt om alleen maar meer, meer, meer te willen.
    Het is ook zeker oneerlijk verdeeld in de wereld. Waarom moeten ee zoveel mensen in armoede leven terwijl er anderen zijn die zwemmen in het geld?

  5. Ja, gek is dat, hè? Ik vraag me dat ook wel eens af. Ik denk altijd dat ze niet gelukkig zijn. En denken dat ze gelukkig worden als ze nóg meer hebben.Wat dus niet zo blijkt te zijn. En het is verslavend. Dat weet ik zeker. Vriendjelief hoorde zeker niet tot de groep die jij aanschrijft. Maar hij had best wel een enorme carrière. Hij werkte en woonde in New York en in Parijs, verdiende geld als water, had een dure auto, twee huizen, vloog de hele wereld over om deals te sluiten voor een enorm softwarebedrijf. Het gaf een kick, zegt hij vaak. Dat jongetje van drie hoog achter, die nu alles kon kopen. Het was verslavend. Meer, meer, meer. Maar hij was niet gelukkig. Hij is gestopt met werken. Huizen verkocht. Auto verkocht. Vijf stappen terug. Een huurappartement en een Suzuki Alto :-) Geen stress meer en tijd hebben. Hij is nu gelukkiger dan hij toen was.

  6. Het is, denk ik, zoiets als goudkoorts. Smaakt naar meer en meer en meer. Ik zou met geen goud ter wereld er mee willen ruilen.

  7. Dat is een nadenker. Maar ik snap ‘m wel. Ik speel niet mee met loterijen, omdat ik het geldklopperij vind, maar je hebt helemaal gelijk: Ik zou me eerlijk gezegd geen raad weten met bizar veel geld. Ik heb nu genoeg om van te leven. Dat stemt me dankbaar. En ja, ik denk veel aan de mensen (ook in Nederland!) die het niet zo goed hebben als ik. Hoe mooi zou het zijn als iedereen in ieder geval voldoende ‘basis’ zou hebben om van te kunnen leven?

Reacties zijn gesloten.