Het klaprozenjaar & De dame van het Voorhout & Twee moedige vrouwen

Het klaprozenjaar‘ van Corina Bomann vond ik een prima boek. Zeker geen hoogstaand werk, maar ook geen flutboekje. Mmm, dat klinkt wat denigrerend eigenlijk. Het boek zelf heeft best een interessant uitgangspunt vind ik: Duitse lerares neemt deel aan uitwisselingsprogramma met Frankrijk een jaar of 25 na de oorlog. Maar het is ook allemaal wel wat zoetig en blijft op de oppervlakte.

Nicole groeide op als enig kind zonder vader en sindsdien droomt ze ervan zelf ooit een groot gezin te hebben. Als ze tot haar grote vreugde merkt dat ze zwanger is, lijkt haar droom werkelijkheid te worden… tot bij een onderzoek duidelijk wordt dat haar baby een erfelijke hartafwijking heeft. Maar zij en haar man noch haar moeder zijn de oorzaak van het defecte gen. Bang en vol brandende vragen gaat Nicole naar haar moeder, die in het verleden nooit over Nicoles vader wilde praten. Geconfronteerd met het verdriet van haar dochter begint -Marianne te vertellen: over de jaren na de Tweede Wereldoorlog en de verbittering over alles wat Duits was die toen heerste; over haar grote liefde uit Frankrijk en de tijd die hen langzaam maar zeker uit elkaar dreef; over de grote eenzaamheid die ze sindsdien elke dag voelde. Nicole, diep geraakt door het verhaal van haar moeder, besluit dat het tijd wordt om de wonden uit het verleden te helen en haar kind een -toekomst te geven, en ze gaat op zoek naar haar vader…

De dame van het Voorhout‘ van Marja Visscher is een historische roman over het leven van Johanna van Coesvelt. Ik ergerde me een beetje aan de innige band die Johanna met haar pop heeft, al snap ik tegelijkertijd dat het op die manier voor de schrijver wel mogelijk is wat ‘verhalender’ te vertellen. Johanna is vrij geëmancipeerd voor haar tijd en weet zich (al weet ik natuurlijk hoe historisch correct alles is) goed te handhaven in een typische mannenwereld. Ook dit boek is geen hoogstandje, maar was prima te lezen.

‘De dame van het Voorhout’ in deze historische roman van Marja Visscher is Johanna van Coesvelt (1684-1768). Ondanks haar ietwat simpele komaf trouwde zij in 1726 met raadspensionaris Simon van Slingelandt. Ze werkt op dat moment als huishoudster in zijn paleis aan het Korte Voorhout. Wanneer Simons vrouw Suzanna sterft, vraagt zij Johanna voor hem te zorgen. Het huwelijk tussen de hooggeplaatste heer en zijn huishoudster doet veel stof opwaaien in het 18e-eeuwse Den Haag. Marja Visscher tekent Johanna’s leven op: waar kwam deze vrouw vandaan, hoe kwam ze hier terecht en wat heeft ze moeten achterlaten?

 ‘Twee moedige vrouwen‘ van Diney Costeloe is ook een prima boek. Ik vind het jammer dat Costeloe wel veel van hetzelfde schrijft. Maar misschien heb ik de laatste tijd wel iets te veel van haar boeken gelezen.

Engeland, 1937. Als Adelaide ontdekt dat de man die haar heeft opgevoed niet haar vader is, staat haar leven op zijn kop. Ze gaat op zoek naar haar andere familie en komt uit bij de zus van haar vader, die moeder-overste is van een klooster in Frankrijk. Adelaide reist naar haar toe op zoek naar antwoorden, en er groeit al snel een band tussen haarzelf en haar tante.
Frankrijk, 1941. Midden in de Tweede Wereldoorlog gaat Adelaide terug naar Frankrijk – nu als spion. Met de hulp van haar tante en enkele van de andere nonnen probeert ze zo veel mogelijk mensen te redden van de Duitsers. Maar dat is gevaarlijk werk, en niet iedereen is te vertrouwen…

 

Naar welk boek zou jouw voorkeur uitgaan?

Tweede C-lijst

In mei plaatste ik een eerste C-lijst met het verzoek om die in te vullen. Wat mij opviel was dat het grootste deel van de reageerders van toen niemand kende die aan corona overleden was of iemand die ziek was. Heel fijn natuurlijk, maar het was wel een beetje exemplarisch voor de bubbel waarin we hier in Brabant toen zaten. Op de een of andere manier leek het alsof de ernst van de situatie niet echt gezien werd. Enfin, wat mij betreft tijd voor een tweede ‘onderzoekje’. Doe je (weer) mee?

  1. In welke provincie woon je?
  2. Hoeveel mensen ken je die overleden?
  3. En hoeveel mensen die ziek zijn (geweest)? Ben je misschien zelf ziek geweest? En zo ja, ben je getest?
  4. Als het vaccin er is: laat jij je dan inenten?
  5. Heb je een gezin? Hoe komen jullie de huidige beperkingen door? Is het te doen?
  6. En hoe ga je om met je opstandige kind, puber, jongvolwassene? Ga je de discussie aan? Verbied je dingen gewoon? Of zijn ze heel volgzaam?
  7. Mocht je oma of opa zijn: heb jij je kleinkinderen een tijd lang niet gezien? En als je ze ziet: knuffelen jullie dan? In geval dat je op de kleinkinderen past: ben je dat blijven doen?
  8. Zijn er mensen om wie je je extra zorgen (hebt ge)maakt? Ouders, kwetsbare familieleden?
  9. Werk je (nog steeds of opnieuw) thuis? Houd je dat nog vol? Hoe houd je contact met je collega’s? En ondersteunt jouw management jullie goed?
  10. Hoe ervaar je alle ophef en relletjes over sommige bekende mensen? Grapperhaus, #ikdoenietmeermee, de ultrakorte vakantie van onze Koning?
  11. Zeg ‘ns eerlijk: volg jij altijd alle regels? Heb je echt nog niemand buiten jouw huishouden geknuffeld?
  12. De ‘blokjesverjaardag’ is weer even niet mogelijk. Maar mocht je het op die manier gevierd hebben: wat vond je ervan?
  13. Is jouw financiële situatie verslechterd?
  14. Ben je bang om ziek te worden?
  15. Hoe ervaar je al het nieuws over corona? Volg je het nog? Wat zouden we wat dat betreft moeten veranderen?
  16. Welke politicus doet het volgens jou het beste nu?
  17. Merk je zelf iets van de toegenomen agressie overal?
  18. Wat mis je op dit moment het meeste?
  19. Vind je dat we de juiste keuzes gemaakt hadden of had je liever gehad dat ons land de Zweedse koers had gevaren.
  20. Wat zou je tegen Rutte en De Jonge willen zeggen?

Om de antwoorden gemakkelijker te kunnen lezen, selecteer de vragen, control c en control v in het reactieveld.

Virus Verhalen

Ik zit momenteel middenin de podcast Virus Verhalen, dus misschien dat ik dit logje te vroeg schrijf … maar het valt me inhoudelijk erg tegen eerlijk gezegd.

Het is prachtig weer, de grutto’s zijn weer terug, de bomen bloeien, de zon schijnt. Maar wij zitten binnen. En dat blijft voorlopig zo. In de podcast Virus Verhalen komen we achter de voordeur, voorbij de quarantaine-linten van het verpleeghuis en in het thuisklasje. We horen hoe mensen elkaar toch proberen te bereiken en elkaar een hart onder de riem steken. Maar ook hoe het soms mis gaat. Het leven is veranderd in een hindernisparcours, we slalommen om elkaar heen op straat en in de supermarkt. Maar het leven gaat wel gewoon verder. Hoe het verder gaat? Luister naar de podcast Virus Verhalen.

De serie is in april/mei 2020 gemaakt: de periode dat we hier in Brabant middenin een crisis zaten. Een crisis waarvan een groot deel van Nederland niet echt zag wat het probleem. was. Althans, zo voelde het af en toe.

Van de 15 afleveringen heb ik nu 1 tot en met 10 geluisterd en hoe mooi het ook gemaakt is, de essentie van wat corona is, mis ik echt enorm!

Het zijn namelijk geen heftige verhalen vind ik. Niet echt althans. Niet zoals we hier dus in die periode meemaakten. En het is voor mij dus onbegrijpelijk dat de podcastmakers gewoon totaal geen aandacht besteed hebben aan de plek waar het toen zo heftig was. Waar mensen met bosjes doodgingen, waar ontiegelijk veel mensen ziek waren. Waar de impact enorm was. Klinkt een beetje jaloers, dat realiseer ik me terdege, zeker nu we in de situatie zitten waarin we nu zitten. Maar het voelt gewoon zo niet juist.

Een groot deel van de verhalen komt uit de Randstad (en nogmaals: ik ben nog maar op aflevering 10 hoor, maar gezien de titels van de resterende 5 afleveringen gaat dat niet veranderen). En komt het niet uit de Randstad (lees Amsterdam eigenlijk) dan volgt men een huisarts uit een klein dorp in Drenthe waar op dat moment welgeteld één besmetting was. Ik vind het echt niet normaal. En nogmaals: de podcastserie is prachtig gemaakt, zit heel goed in elkaar, maar echt overal ontbreekt de urgentie van wat er toen hier gaande was. Heel erg jammer!

Oma en Zussen spraken me nog het meeste aan. Oma omdat het over een dementerende vrouw in een verzorgingstehuis gaat die steeds maar opnieuw aangeeft dat haar kinderen geen aandacht aan haar besteden. En zussen omdat het gaat om de zorg die mensen elkaar bieden.

Tijdens vogelvlucht #1 komt heel summier een inwoner van een buurtgemeente aan het woord, maar dat is tot op heden de enige keer dat ik iets hoorde uit onze provincie. En dat vind ik echt onvoorstelbaar en niet te begrijpen. Ik vraag me oprecht af hoe de makers van deze serie tot deze keuzes hebben kunnen komen …

En oh ja, mochten ze dat in de afleveringen 11 tot en met 15 nog goedmaken, dan zal ik het laten weten. Want afluisteren ga ik de serie zeker want nogmaals: de afleveringen zijn wel heel fijn om naar te luisteren.

Eng

Vanmorgen stonden Ova en ik samen in de keuken en ik liet haar op mijn telefoon een jas zien die ik wilde bestellen. Daarvan zie je op de foto hieronder een plaatje. Ik kocht de jas in het rood trouwens, maar dat is uiteraard niet echt relevant.

Ova vond de jas in ieder geval mooi al ging haar voorkeur uit naar een andere kleur.

‘s Middags kreeg ik van Ova (die op haar werk was) een appje met daarbij de afbeelding van die jas en de toevoeging ‘dit is toch eng?’. En ja, daar heeft ze wel een punt eigenlijk nietwaar?

Want hoe kan een advertentie op mijn telefoon ineens op haar telefoon belanden? Daar zal best een logische verklaring voor zijn, maar tegelijkertijd is het natuurlijk ook best een beetje eng. Ik heb de ballen verstand van cookies en algoritmes en al die dingen meer, maar dat er veel gebeurt waar wij geen invloed op uit kunnen oefenen lijkt me evident.

We hebben het er thuis ook al wel ‘ns over dat het soms wel lijkt alsof je telefoon je zelfs afluistert . Want soms praat je ergens over en alsof de duvel ermee speelt … wat later zie je dat terug in de advertenties op je telefoon. Maar ja, dat schijnt toch echt niet zo te zijn. Of worden we ook wat dat betreft in het ootje genomen?

Beter goed gejat dan slecht bedacht

“Beste mensen,

Ik wil me vandaag in alle eerlijkheid en oprechtheid tot jullie richten. Ik zal er niet langer doekjes om winden, doekjes voor een bloeden dat niet meer lijkt te stelpen. Schrik niet van de grote woorden die ik zal gebruiken. Ik ben wie ik ben, een man die, zoals Petra de Koning in haar zeer leesbare biografie over mij heeft geschreven, soms hevige woede-uitbarstingen heeft waarin „hij kon vloeken en schelden”.

Ja, het zal jullie misschien verbazen, maar ik ben ook maar een mens, en ik zie niet in waarom ik niet woedend zou mogen zijn in een land waar inmiddels iedereen elkaar verrot scheldt. Alweer een tijdje geleden riep ik een welgemeend ‘Pleur op’ naar Turkse Nederlanders, en ik ben nu in een stemming waarin ik graag hetzelfde wil roepen naar een groeiend deel van de héle Nederlandse bevolking.

Want ik ben het zát. Wij, ik bedoel Hugo en ik, plus onze ambtenaren, werken ons nu al maandenlang het schompes om de gevolgen van corona voor Nederland te beperken. Wij hebben het zolang mogelijk goedschiks geprobeerd, wij zijn lief en aardig gebleven tot we er zo ongeveer bij neervielen, zoals onze eerste minister van Volksgezondheid al eerder overkwam. Wij hebben jullie geaaid en gepamperd, wij zijn zachtzinnig gebleven waar andere landen met harde hand handhaafden.

Kortom, wij dachten dat we op jullie verantwoordelijkheidsgevoel konden rekenen. Wij dachten dat jullie volwassen mensen waren die zich volwassen zouden gedragen als hun gezondheid op het spel stond. En wij dachten dat jullie de minderjarigen onder ons wel tot de orde zouden roepen als ze zich aan roekeloos gedrag te buiten gingen.

Maar het heeft niet gewerkt. Het is, en ik zal me ditmaal achteraf níét excuseren voor het woordgebruik, een teringzooi geworden in Nederland. Natuurlijk, de goeden niet te na gesproken, maar hoeveel ‘goeden’ zijn er eigenlijk nog? Dat vraag ik me af als ik in mijn eenpersoonsledikantje weer eens slapeloos naar het plafond lig te staren. Als ik me tot afgelopen weekend mag beperken: ik lees berichten over illegale feesten in Vlissingen, Volendam, Ede en, natuurlijk, Amsterdam. In Den Haag moest de politie in touw komen om een demonstratie van die volstrekte idioten van Viruswaarheid te beëindigen.

Waar zijn jullie godverdomme – sorry, collega Segers – mee bezig? Hoe halen jullie het in je harses om de beest uit te hangen op debiele feestjes terwijl er elke dag 6.500 coronabesmettingen in Nederland bij komen? Wat bezielt jullie? Als jullie graag de kist in willen, moeten jullie dat zelf weten, maar respecteer de mensen die nog een poosje dóór willen.

Wij gaan een nieuwe lockdown instellen. En ditmaal een buitengewoon onbarmhartige. Het is onvermijdelijk. En ik wil vanaf nu geen gezeik meer horen over mondkapjes en cafés die te vroeg dicht moeten. Het is slikken of stikken. Wie het er niet mee eens is, houdt zijn bek of pleurt op. Voor de exacte maatregelen geef ik nu het woord aan Hugo.”

 * * *

Hier gelezen en wat mij betreft zit er best een kern van waarheid in. Maar goed, daar hoef jij het natuurlijk niet mee eens te zijn.

De schemering en de dageraad

Oh, zo te kunnen schrijven als Ken Follet, wat zou dat machtig mooi zijn! Follet schreef met ‘De schemering en de dageraad‘ een vierde boek voor de Kingsbridge-trilogie die nu dus geen trilogie meer is. Bijzonder trouwens is dat dit vierde boek feitelijk het eerste boek is want het speelt in de periode 997 tot en met 1007 na Christus.

997 na Christus. Engeland wordt van twee kanten belaagd, in het westen door Wales en in het oosten door de Vikingen. Gerechtigheid is ver te zoeken en geweld en wetteloosheid zijn aan de orde van de dag. De koning staat machteloos en de chaos regeert. In deze turbulente tijden raken de levens van drie mensen onlosmakelijk verbonden met elkaar en met een klein gehucht dat later Kingsbridge zal worden genoemd. Het dorp van een jonge botenbouwer wordt geplunderd door de Vikingen en hij vlucht met zijn familie naar een ander dorp om daar een nieuw leven op te bouwen. Een Normandische edelvrouw volgt haar geliefde echtgenoot naar Engeland, maar realiseert zich al snel dat de gewoonten in haar nieuwe land heel anders zijn dan ze gewend is, en dat iedereen op brute wijze vecht om de macht. Een jonge monnik droomt ervan zijn bescheiden abdij ooit tot een roemrijk centrum van kennis en geleerdheid te verheffen. Alle drie raken ze tegen hun wil betrokken bij de machinaties van een bisschop die meedogenloos streeft naar macht en rijkdom, en niets geeft om de levens van de gewone mensen.

Ik vond het gewoon een heerlijk boek. Met een boel historische info, met slechteriken en bullebakken, met oorlog en vrede, liefde en lijden, ontwikkelingen en stilstand. Leuke personages en misselijkmakende personages. Gewoon een pracht van een boek. Lezen dus! En als je nog nooit van deze tetralogie (ja, ja, ik leerde vandaag een nieuw woord) gehoord hebt: dan heb je bijna 3500 pagina’s voor de boeg. Puur genieten!

Au!

Ik weet nog precies wat ik deed toen het, soort van, mis ging. Ik deed namelijk oefeningen tegen de kipfiletjes.

En daar was ik zo mee bezig toen inenen, au! Vanuit mijn rechterarm schoot het ‘in mijn hoofd’. Of nou ja, niet in mijn hoofd. Maar op mijn hoofd. Mijn achterhoofd. Waar ik bepaalt niet op gevallen ben. Of misschien wel, want wat wil het geval ,,,

Dit hierboven gebeurde dus al ruim drie maanden geleden en sindsdien heb ik er soms veel en soms minder last van. En dat is natuurlijk al best lang. Het meeste last heb ik trouwens in bed en dan met name als ik wil gaan verliggen. Dan is het toch echt wel helegaar niet tof. Die pijn, het voelt als steekjes op mijn schedel, onder mijn haar. Best pijnlijk. Overdag valt het wel mee.

Enfin: al ruim drie maanden geleden dat het erin schoot en als ik weet waar iets van komt, dan denk ik meestal wel zoiets van: ‘ik weet hoe het gekomen is, het gaat vanzelf ook wel weer weg’. Maar ja, dat vanzelf duurt inmiddels best lang. Toch?

Toen ik laatst voor mijn uitstrijkje naar de dokter ging (ik denk inmiddels ook al weer wel een week of vier geleden) vroeg ik aan de huisarts wat er wellicht aan te doen zou zijn. Zij raadde me fysiotherapie aan. Enfin: lang verhaal kort, vandaag ga ik naar de fysio. En hopelijk kan ze me snel helpen. Want ik ben er inmiddels wel klaar mee. Hahaha, dat bedoel ik natuurlijk niet zo, want het is mijn eigen schuld dat het al zo lang duurt, dus als het nog een tijd duurt voordat het ‘opgelost’ is dan kan ik dat alleen mezelf verwijten.

Bernice Berkleef

Twee boeken van dezelfde schrijfster in één blogje. Ik had nog nooit van Bernice Berkleef (die volgens mij haar website niet echt bijhoudt maar dat terzijde) gehoord, maar ik las ‘Cody‘ en was daar zeer van gecharmeerd.

Jelka schrikt zich dood als het bedje waar haar zoontje Cody hoort te liggen leeg is. Ze raakt vervolgens helemaal in paniek als ze van de politie hoort dat haar partner Oscar zich op die bloed­hete dag op het bureau gemeld heeft met in de de Maxi-Cosi hun zoontje Cody. Over de toedracht mogen ze haar niks vertellen. Jelka probeert te bevatten wat er gebeurt en probeert terwijl Oscar wordt vastgehouden op het bureau antwoorden te vinden. Maar hoe langer het duurt, hoe meer vragen ze heeft. Kan ze haar man nog vertrouwen? Of wil iemand anders hen iets aandoen? En waarom?

Een heel mooi boek vond ik met een tragisch uitgangspunt, want dit is natuurlijk de nachtmerrie van iedere ouder. Het boek wordt vanuit diverse personages verteld en verweeft heden met verleden. Het leest vlot en je wilt gewoon weten wat er met Cody gebeurd is. Het lukte Berkleef me verschillende malen op een soort van dwaalspoor te krijgen en dat maakt het boek wat mij betreft echt de moeite waard. Het begin van het einde vond ik even wat minder, maar het echte einde is weer echt …

Omdat ik ‘Cody’ zo mooi vond las ik aansluitend ‘Bloedsteen‘.

Op een ochtend wordt Ella nietsvermoedend van haar bed gelicht door de politie. Ze wordt verhoord over haar vader, hij zou illegaal goederen van Java naar Nederland hebben gesmokkeld. Als haar vader, die vroeger in een Jappenkamp heeft gezeten, in hechtenis overlijdt besluit Ella zelf naar Java af te reizen om in hun familiehuis tot rust te komen. In het huis vindt ze aanwijzingen voor een geheim dat haar vader heeft weten te verbergen. Maar ze is niet de enige die lucht heeft gekregen van de verborgen geschiedenis, want haar verblijf op het eiland neemt een zeer onaangename wending…

Eerlijk … ik kan nauwelijks geloven dat deze twee boeken door dezelfde schrijfster geschreven zijn. Vond ik ‘Cody’ vernieuwend, verfrissend en op een bepaalde manier spannend, ‘Bloedsteen’ had niets van dat alles. Ik vond het schrikbarend simpel geschreven op een manier die mij echt tegenstond. In het boek worden dingen beschreven die ongetwijfeld waar zijn (mensenhandel, machtsmisbruik en dat soort dingen) maar het wordt zo simplistisch gedaan dat ik een beetje in de weerstand schoot. Jammer, maar dit boek is eigenlijk een beetje verspilde tijd geweest (ik heb het wel uitgelezen, want het was maar een dunnetje en ergens had ik nog steeds hoop dat het wel beter zou worden).