De bibliotheek van Parijs – De hel van Tjideng – Goudpapaver

Drie boeken op een rij maar weer. Allereerst las ik ‘De bibliotheek van Parijs‘ van Janet Skeslien Charles.

Parijs 1939: De ambitieuze Odile Souchet is net begonnen aan haar droombaan bij de Amerikaanse bibliotheek in Parijs. Wanneer de nazi’s de lichtstad bezetten verandert alles van de ene op de andere dag. De bibliotheek blijft open, maar de Joodse bezoekers zijn niet meer welkom. Odile en haar collega’s riskeren hun leven door hun Joodse abonnees zelf de boeken te brengen. Maar wanneer Odile ontdekt dat haar vader, een politieman, nauw betrokken is bij het handhaven van het naziregime, raakt zij in een groot persoonlijk conflict. Heeft zij de moed om de juiste keuzes maken?

Ik vond dit een mooi boek maar stiekem had ik er wel iets meer van verwacht moet ik zeggen. Maar desalniettemin een heel fijn boek. Een fijne schrijfstijl en de afwisseling tussen de twee tijdsperiodes vond ik van toegevoegde waarde.

– – –

Op dit moment zijn we via het werk een film aan het opnemen rondom het Jappenkamp Kuching. Deze film wordt op 4 mei 2021 via de lokale omroep vertoond. We gaan wel fysiek herdenken, maar dan heel sober en zonder publiek (of in ieder geval zonder aankondigingen om toeloop zoveel mogelijk te voorkomen). Maar dit maakt dat ik wel erg geïnteresseerd was in ‘De hel van Tjideng‘ waarin Elisabeth Lengkeek verhaalt over haar ervaringen in het kamp van Tjideng.

Elisabeth Lengkeek reist op 28 april 1939 naar Nederlands-Indië, haar verloofde Dick achterna. Als twee jaar later de Japanse troepen Java innemen, komt ze met haar pasgeboren dochtertje in het jappenkamp Tjideng terecht. Dit is het verslag van haar overlevingsstrijd.
Het verhaal van Bep Groen-Lengkeek is een van de weinige documenten over het dagelijks leven in een van de vrouwenkampen op Java.

Een interessant maar ook zeer triest boek natuurlijk. Wat mensen elkaar toch allemaal aandoen. Verschrikkelijk, verschrikkelijk.

– – –

Goudpapaver‘ is het derde deel in de reeks van Laila Ibrahim.

Op het eerste gezicht lijken Jordan, een zwarte lerares van middelbare leeftijd, en Sadie, een witte vrouw die getrouwd is met een ambitieuze Duitse zakenman, weinig gemeen te hebben. Maar hun familiegeschiedenissen, die zich jaren geleden met elkaar vermengden op een plantage in Virginia, zijn nog altijd met elkaar verbonden. Op de plantage hebben hun moeders, Mattie en Lisbeth, een sterke band opgebouwd, ondanks hun verschil in afkomst. Het is 1894 en Mattie ligt op sterven. Sadie en Lisbeth ondernemen als moeder en dochter een zware reis om afscheid te kunnen nemen. Maar ongelijkheid zorgt nog steeds voor grote problemen. Sadie en Jordan zullen samen moeten vechten voor een betere toekomst.

Het is een beetje boel jammer maar dit derde deel is wat mij betreft een slap aftreksel van het tweede en een nog slapperderder aftreksel van het eerste deel. Erg jammer want ‘De eerste krokus’ (het eerste deel dus) vond ik bijzonder goed.

Naar welk boek gaat jouw voorkeur uit?

Wit konijn Rood konijn

Alweer een paar weken geleden zat ik zomaar ineens in het theater. Nou ja, soort van dan. Ik volgde via een livestream de voorstelling ‘Wit konijn rood konijn‘.

De aanleiding van deze voorstelling was één jaar corona in de theaters. Op 13 maart 2020 moesten immers bijna alle theaters ter wereld hun deuren sluiten vanwege corona. In theaters over de hele wereld, van Argentinië tot Australië en van India tot Nederland, gaan acteurs het toneel op om de kracht van theater te tonen. In Nederland staat het stuk op 13 maart 2021 in 42 theaters geprogrammeerd. Iedere voorstelling in Nederland start om 20.00 uur. Door het tijdsverschil wordt het stuk dus gedurende 24 uur op verschillende plekken gespeeld. Hoe gaaf is dat dan wel niet?
Ik had me aangemeld voor de voorstelling die Leon van der Zanden vanuit Helmond zou gaan spelen.

Alle spelers die de voorstelling gingen doen kenden het stuk niet. Ze gingen zonder voorbereiding, repetities en regisseur het toneel op: in de hand een envelop. Leon voert het stuk dus één keer op en daarna nooit meer: we waren getuigen van de definitieve uitvoering want volgens de regel mag iemand het maar één keer spelen.

Wit Konijn Rood Konijn is een internationale theaterhit van de Iraanse schrijver Nassim Soleimanpour. Het stuk is sinds de première tien jaar geleden al in meer dan 25 talen vertaald en al duizenden keren opgevoerd.
En wat vond ik er nu eigenlijk van? Ik vond het bizar en vervreemdend, maar ook heel erg confronterend en mooi. Maar ja, daar mag ik eigenlijk helemaal niet over schrijven want al googlend vind ik nergens iets over de inhoud. Dus ik ga er niets over schrijven. Op twee zinnen na. Dat zal toch zeker wel mogen? Want deze twee woorden raken wat mij betreft de kern van de hele voorstelling: ‘ik reis naar andere werelden door mijn woorden’ en ‘ik heb u niet gezien maar ik heb u wel ontmoet’.

En oh ja, hoe deed Leon van der Zanden het? Ik vond het superstoer dat hij de uitdaging aanging en ik vond dat hij het echt heel erg goed deed. Het duurde amper een uurtje, maar ik heb er echt van genoten.

Beveiligd: Mijmeren

Deze inhoud is beveiligd met een wachtwoord. Vul hieronder het wachtwoord in om het te bekijken:

Geplaatst in Gedacht(en) | Voer je wachtwoord in om reacties te bekijken.

Openbaarheid

Vooropgesteld: Rutte had zich een heleboel ellende bespaard als hij eerlijk was geweest. Of als hij gewoon had gezegd dat er ook over poppetjes gesproken wordt in een formatie en dat dat vrij logisch is. Want alles draait toch ook de juiste mensen op de juiste plek? Dus wat er gebeurd is heeft hij grotendeels aan zichzelf en een tweetal klungelige verkenners te danken. Maar dat grotendeels staat er wat mij betreft niet voor niets op deze manier …

Want wat er nu toch weer allemaal gebeurt gaat mijn begrip ver te boven. Ik wilde er eigenlijk niet over bloggen, maar er niet over bloggen voelt niet oké. Dus ik ventileer hier toch maar even mijn persoonlijke mening over de ‘Omtzigt-toestand’. En daar mag je het mee eens zijn of oneens. Dat vind ik uiteraard helemaal prima. Maar zullen we hier laten zien dat we in ieder geval op een positief kritische manier met elkaar kunnen communiceren? En natuurlijk weten jij en ik heel goed dat wat hier staat er ongenuanceerd staat te staan, dus zonder dat ik het nog wat kan verduidelijken, zonder dat jij en ik er een gesprek over hebben. Terwijl ik dit typ denk ik tegelijk: wat ben ik mezelf nu toch aan het verontschuldigen voor mijn mening? Waarom dat dan weer?

Terug naar de aanleiding: het lijkt me niet meer dan heel logisch dat er tijdens een formatie ook over mensen gesproken wordt. Ik denk dat het onrealistisch is om te denken dat dat niet gebeurt. Het gaat altijd om poppetjes. Overal. In welk bedrijf of organisatie dan ook. En ook bij mij thuis en ik schat zo in ook bij jou thuis, ofbij de voetbalvereniging of het schoolplein. Laten we dus niet Roomser doen dan de paus. Alleen tja, de politiek, die moet alles keurig volgens het boekje doen dat wij momenteel aan het schrijven zijn. Een boekje waarin onrealistische eisen en verwachtingen staan. Want politici zijn bij uitstek matennaaiers, die -eenmaal op het pluche- alleen nog aan zichzelf denken, die kinderbloed drinken en aan orgies doen. En Den Haag is het aan ons verplicht om altijd eerlijk te zijn. Want hunnie zijn er voor mij persoonlijk. Echt: hoe naïef kun je zijn. Dat kan niet. Het kan gewoon niet. Het is niet in het landsbelang als men altijd eerlijk is. En wederom: ben jij altijd eerlijk? Ja zeg je dan, maar ik doe niemand kwaad met mijn jokje. Oh ja, is dat zo? Op jouw (of mijn) bescheiden schaal brengen wij net zoveel of net zo weinig schade aan. Jemig, wat ben ik toch aan het zwalken in dit epistel.

Volgens mij is het volstrekt logisch dat bij de bespreking van coalitiepartners de stabiliteit van het CDA wordt besproken (want daar schort het wel een beetje aan nietwaar?). Het lijkt me ook logisch dat Omtzigt dan ter sprake komt. Ook andere politici zijn bij naam genoemd en dat is toch niet gek: persoonlijke verhoudingen zijn immers ook belangrijk zijn.

Het is zo krom dat de Tweede Kamer eist dat verslagen van vertrouwelijke gesprekken openbaar gemaakt worden. Transparantie oké maar normaliter pas nadat de formatie afgerond is (en dan ook niet letterlijk). Niet tussentijds en niet afgedwongen. Je bereikt niets als je niet in vertrouwen met elkaar kunt praten. Nogmaals: we moeten niet alles willen weten. Wat heeft dat toch voor doel? Waarom?

De heksenjacht die zich afspeelde vind ik buiten proportie. Ik snap gewoon niet dat politici zo met elkaar omgaan. Dit moeten we niet willen. Natuurlijk mag het debat hard tegen hard gaan, maar het kan toch niet de bedoeling zijn dat mensen zo verschrikkelijk beschadigd worden? En de politici die het hardste roepen hebben vaak tot nu toe weinig of niets gepresteerd. Of die zullen Rutte wellicht pas echt beginnen te begrijpen als ze in zijn schoenen komen te staan. Altijd balanceren, altijd jezelf verdedigen terwijl je vaak niet het achterste van je tong kan en mag laten zien. Oh de vrijheid die oppositie voeren geeft! Als jij als werknemer bijvoorbeeld wordt ontslagen kun jij moord en brand schreeuwen en daarmee de sympathie winnen. Het bedrijf waar je werkt zal nooit vertellen waarom de dingen gegaan zijn zoals ze gegaan zijn. Tenminste, als het een goed bedrijf is. Had ik al gezegd dat we niet alles moeten willen weten? Dat niet moeten eisen?

Heeft dit gedrag te maken met de continu duwende en trekkende media, met ‘eisen stellende burgers die overal verstand van hebben’, met alles wat klakkeloos op social media wordt gegooid én geloofd, met steeds sneller leven, steeds sneller meningen geven, altijd maar de eerste willen zijn, met het ‘ik weet het niet’ niet als antwoord accepteren, met de ratrace die ons leven aan het worden is? Ik weet het niet, ik weet het niet, maar ik vind het zorgwekkend.

Als de oppositie het heeft over de ‘Rutte-doctrine’ wat is daar dan van waar? Dát vraag ik me af? Is het echt zo of is het afgunst? Komt het omdat Rutte toch dingen voor elkaar krijgt? Als Wilders het heeft over een ‘verziekte cultuur’, hoe komt dat dan? En hoeveel heeft Wilders zelf aan die verziekte cultuur bijgedragen? En hoe kan het toch zijn dat Rutte zich af en toe laat verleiden om zich tot het niveau van Wilders te verlagen? Zijn de heren en dames politici niet allemaal schuldig aan de huidige situatie? Door populistisch gedoe, door niet meer echt ergens voor te staan? Kaag ruikt haar kans geloof ik, en ik ben ervan overtuigd dat ze die ten volste zal gaan benutten: ze speelt het spel handig. Maar ik vind politiek geen spel! Het moet om inhoud gaan, om ons land.

In geval van heel belangrijke zaken (zoals de formatie) moet alles ook in vertrouwen besproken kunnen worden. En moet men de garantie hebben dat het ook geheim blijft zodat mensen vrijuit kunnen spreken. Een van de hot items van D66 is een gekozen burgemeester (haha, hier blogde ik er al een keer over en gaf ik aan dat ik er nog wel een keer op terug zou komen. Nou dat doe ik nu dan maar even al is het opnieuw heel erg summier). Wat mij betreft het slechtste idee ever. Geen hond die dan nog zal solliciteren, want dat je solliciteert wil je niet op straat hebben liggen omdat het om je toekomst gaat. En wat als je het niet wordt … dan weet iedereen dat. Maar dat terzijde. Wat ik wil zeggen: sommige dingen moeten wij (het plebs zo je wilt) gewoon niet willen weten. Maar ik geloof dat ik dat al een paar keer eerder heb gezegd hierboven. ;-)

Voordat je nu zegt ‘nou Mrs. T., wat een volgzaam typje ben je toch’ dat is niet zo. Ik heb verstand en ik gebruik het. Op mijn bescheiden schaal. Of ik blog erover (al weet ik ook heus wel dat dat weinig zin heeft). Zoals hier, hier, hier, hier en hier.

Maar goed, ik houd er maar weer ‘ns mee op. Ben blij dat ik even teenentander van me afgeschreven heb.

Enne: ik sta gelukkig niet alleen → klikkerdeklik! Een stukje daaruit: Transparantie zorgt niet voor méér vertrouwen maar juist voor minder. Vertrouwen betekent: iemand vrijuit laten handelen, onbespied, en erop rekenen dat hij het juiste doet. In een cultuur van maximale transparantie is het vertrouwen minimaal.

Granaatappel

Saar zei ooit ‘ns tegen mij dat ze de pitjes van granaatappel zo lekker vindt. Dus ik dacht pas ‘laat ik er maar ‘ns een keer een kopen’. Dus tja, toen lag die granaatappel een tijdje te liggen en ik dacht: het moet er nu toch van komen. Operatie granaatappel dus.

Wat ziet zo’n vrucht er van binnen interessant uit. Moeder natuur weet toch maar mooie dingen te creëren.

Ik vond de ‘bloederigheid’ van het bevrijden van de vruchtjes nog best meevallen. Maar het lospulken/friemelen van de pitjes dat kostte verdullemes veel tijd.

Uiteindelijk had ik vier mooie fruithapjes voor Mr. T., Ova, Saar en mezelf klaar. En lekker dat het was!

Eet jij ooit granaatappel?

De familie Wachtman & De verborgen kinderen

Christiaan Alberdingk Thijm schreef met ‘De familie Wachtman‘ een aansprekend boek rondom een actueel thema.

Philip Wachtman in de problemen wanneer hij door een uitspraak van de rechter zijn geheim prijs moet geven: hij heeft 411 nakomelingen. De wetenschappelijke carrière van Philip Wachtman zit in een dip. Zijn promotieonderzoek over de anonimiteit van de spermadonor is overbodig geworden en hij dreigt gepasseerd te worden voor een benoeming tot hoogleraar. Hoe anders vergaat het zijn vriendin, de succesvolle stemactrice Freya de Koning. Als stem van het populaire kindpersonage Felicity bevindt zij zich op het hoogtepunt van haar roem. Maar er is een groot gemis. Freya is op haar negenendertigste nog kinderloos. Het ligt aan Philip, denkt Freya. Maar Philip weet dat hij niet de oorzaak kan zijn. Wachtman heeft naar schatting 411 nakomelingen; het gevolg van bovenmatig praktijkonderzoek bij de spermabank van zijn vriend, dokter Dumortier. Door een uitspraak van de rechter dreigt Wachtman zijn geheim prijs te moeten geven. Achtervolgd door zijn verleden en door een studente die zegt dat ze zijn dochter is, moet hij op zoek naar zichzelf. Gaandeweg komt hij tot de conclusie dat hij niet is wie hij dacht te zijn.

Wat een heerlijk boek is dit. Een prachtige schrijfstijl, een sympathiek en tegelijk onsympathiek personage, bijzondere gebeurtenissen, mooie zinnen (Een zin als: “Een mens komt niet altijd aan op zijn bestemming, maar je bestemming is altijd waar je bent gekomen.” bijvoorbeeld is toch om te smullen.) De hoofdstukken met Wachtman worden in de derde persoon verteld, die met Freya in de ik-persoon. Dat maakt het afstandelijke van Wachtman ook nog ‘ns extra duidelijk. Het boek is af en toe behoorlijk bizar, maar dat maakt het nog leukerder. Kortom: lezen dit boek.

Het tweede boek in dit blogje vond ik ook GEWELDIG. Wat een mooi, aangrijpend en ontroerend boek is ‘De verborgen kinderen‘ van Elizabeth Byler Younts.

Elizabeth Byler Younts schetst in ‘De verborgen kinderen’ een aangrijpend beeld van de psychiatrie in Pennsylvania, 1937. De veertienjarige Brighton kent alleen het leven binnen de grauwe muren van gesticht Riverside. Hier wordt ze opgevoed en onderwezen door verpleegster Joann. Brighton weet niet dat Joann geheimen bewaart die een sleutel vormen tot haar verborgen verleden. Een verleden dat Brighton vasthoudt in het sombere Riverside. Brightons enige vriend en lotgenoot is de albinojongen Angel. Samen besluiten ze te ontsnappen. Maar weglopen is één ding, voorbereid zijn op de buitenwereld is iets heel anders. Zonder geboorteakte en geld zijn ze overgeleverd aan de genade van vreemdelingen, die niet altijd het beste met hen voor hebben… ‘De verborgen kinderen’ is een hartverscheurende historische roman over de kracht van vriendschap en de schoonheid die schuilt in de grote en bedreigende buitenwereld.

Oh, hoe er vroeger met psychiatrisch patiënten omgegaan werd. Verschrikkelijk gewoon. De hardheid in het huis, het platspuiten van patiënten, gedwongen sterilisaties en lobotomieën die uitgevoerd werden. En in die wereld groeien Brighton en Angel op. Als ze uiteindelijk ontsnappen weten ze helemaal niets over hoe ze zich moeten redden in de buitenwereld. Helemaal niets. Ze weten niet hoe je met de trein reist, kennen de waarde van geld niet, weten niet hoe je een hamburger bestelt … helemaal niets. Echt een heel bijzonder boek.

Dus sorry lieve lezer: ik zadel je weer op met twee boeken op jouw leeslijst. Welk boek zou jij het eerst gaan lezen?

3×5 = 15

Gossie, mijn 15de blogverjaardag vandaag. A long, long time ago plaatste ik mijn allereerste blogje en sindsdien volgden er velen.

Af en toe twijfel ik wel over of ik door moet gaan, maar steeds geven de leuke en positieve dingen van het bloggen de doorslag. En ik vind het nog steeds heel erg tof om al mijn schrijfsels terug te lezen of om iets op te zoeken.

De laatste keer dat ik ontlurkte (wat betekent dat je je lezers die nooit of zelden reageren vraagt om voor één keer (en liefst stiekem ook wel vaker) te reageren door op z’n minst te laten weten dát ze meelezen en wellicht dat ze dan ook nog even aangeven hoe lang ze al meelezen of iets anders van zichzelf vertellen of wat dan ook) is inmiddels ook al weer drie jaar geleden. Dus: lieve mensen die vaak meelezen maar zelden of nooit reageren: grijp je kans en reageer!

En pak een appelflap of zijn gezonde(re) neefje of nichtje.

Tweede corona’verjaardag’

Vandaag vier ik mijn 51ste verjaardag. Of nou ja, vieren, dat zal hem ook dit jaar niet echt worden. Vorig jaar zag ik Sarah en die verjaardag ging logischerwijs niet door. Ik vond dat eerlijk gezegd toch wel heel erg jammer. Maar ja, we waren toen vooral bezig met het overlijden van mijn schoonvader. Corona speelde mee natuurlijk, maar meer op de achtergrond. We hadden immers andere zorgen. Drie dagen eerder overleed mijn schoonvader en op de 26ste zouden we hem gaan begraven.

Mijn schoonvader en ik deelden ook jarenlang dezelfde verjaardag. Twee jaar geleden vierden we nog dat we samen 145 werden. Ook daaraan is een eind gekomen. Ik moet zeggen dat ik, toen ik alweer ruim 26 jaar geleden in de familie kwam, niet verwacht had dat wij nog zo lang onze verjaardagen samen zouden kunnen vieren. Maar dat werd, gelukkig, wel realiteit. Stiekem ben ik wel een beetje bang dat vanaf nu mijn verjaardag altijd een klein rouwrandje zal hebben.

Wie had ooit kunnen vermoeden dat ook mijn 51ste verjaardag nog in het teken van corona zou staan. Geen bezoek, geen feest, niks, nada, niente. Of nou ja, natuurlijk wel iets. Een klein beetje.

Zo ga ik vanmiddag bij mijn ouders tosti’s eten. Mr. T. en Ova zijn werken, Saar is op school en ik werk (oh joy) thuis. Dus die break bij mijn ouders is van harte welkom.

En vanavond laten wij de lekkerste spare ribs ter wereld bezorgen die we met z’n vijfjes (want uiteraard is ook Ova Haar Lief van de partij) zullen nuttigen. Maar ja, dat is het dan wel zo’n beetje. Niet leuk. Ik houd namelijk van verjaardagen vieren. En nou maar hopen dat ik mijn 52ste verjaardag wel kan vieren. Dat heb ik verdiend, vind ik.

25 maart 1923 – 22 maart 2020

Op zondag 22 maart 2020 overleed mijn schoonvader aan corona. In de dagen daarvoor bevonden we ons in een bizarre rollercoaster: mijn schoonvader zo ziek, regels vanuit het verzorgingshuis, thuis in quarantaine, hoop en vrees, verdriet en herinneringen ophalen, onzekerheid en dan het einde … 

Mr. T. en zijn zussen zorgden tot 22 maart ruim een week lang 24/7 intensief voor hun vader. Eigenlijk mocht dat niet (meer) want de verzorgingstehuizen gingen op slot. Wat een geluk (raar om over geluk te spreken eigenlijk) was het dat ze alle drie al een paar dagen totaal onbeschermd bij hun vader geweest waren en voor hem gezorgd hadden. Het was voor hen een vanzelfsprekendheid: wij zorgen voor papa. De verzorging kan alles aan ons overlaten: wij zorgen voor papa. En dat deden ze. Ik vind dat zo ongelooflijk knap.

Op 19 maart 2020 ging ik met de meiden naar het verzorgingstehuis. We hebben het geluk dat de kamer van mijn schoonvader op de begane grond is waardoor dit mogelijk is (we mogen immers niet naar binnen), we kunnen via het slaapkamerraam zijn kamer inkijken. Hij ligt, helaas, met zijn rug naar ons toe. Maar hij hoort ons wel. Nog zie ik zijn arm langzaam naar boven komen, hij wuift zwakjes en zegt ‘tot weerziens’. Zijn vaste groet. Mr. T. staat binnen bij zijn vader en kijkt naar mij … drie dagen later sterft mijn schoonvader. Het protocol treedt in werking. 

Het afscheid was vreemd. Mijn schoonvader is ruim twee dagen ‘weg’ geweest. Pas op dinsdagavond mochten we in het rouwcentrum gaan kijken. De dag erna mocht hij, gelukkig toch nog, naar zijn geliefde buurtschap. Vanaf daar ging zijn laatste reis naar de begraafplaats, naar zijn vrouw.

In plaats van een bidprentje schreven de kinderen een uitgebreide rouwkaart met zijn levensverhaal. Foto’s en een kaarsje complementeerden de kaart. Er mogen maximaal 30 mensen naar de kerk komen. Mensen die niet bij de uitvaart konden zijn konden de livestream volgen en dan het kaarsje branden.

De uitvaart op de 26ste maart was raar en onwerkelijk. Groepjes mensen die bij elkaar staan, geen armen om andere schouders, geen knuffels. Alleen je eigen bubbel. In de grote kerk 28 mensen, in groepjes, apart zittend verspreid over de voorste banken … En toch was het goed in die kerk.

Op het kerkhof was het anders: je staat onwennig te staan, wat nu? En dan allemaal apart naar huis. Unheimisch en verdrietig. Een van onze neven zei later dat hij nu pas zag hoe belangrijk koffietafels zijn: ze bieden ruimte voor het delen van verdriet en herinneringen. 

In haar boek ‘De kracht van samen’ heeft Hella van der Wijst op een heel mooie manier geschreven over deze gebeurtenissen. Ik las het verhaal gisteren nog een keer en het raakt me steeds weer. Hoe Mr. T. en zijn zussen opgroeien en hoe zorgen voor elkaar vanzelfsprekend werd. Hoe ze die zorg jarenlang gaven aan hun moeder en daarna aan zijn vader. 

We zijn een jaar verder. Normaliter worden er in de katholieke kerk maandelijkse gedachtenissen gehouden voor overledenen. We hebben dat niet gedaan voor mijn schoonvader. Gisteren echter was het jaargetijde voor mijn schoonvader. Daarna bezochten we het kerkhof. Een van mijn zwagers had een mooi bloemstuk gemaakt dat we op het graf van mijn schoonouders plaatsten. Aansluitend hebben we, sorry weer een coronaovertreding, mijn schoonzussen en hun partners hier voor de lunch uitgenodigd (uiteraard zaten we op gepaste afstand van elkaar door een vergrote tafel). Sinds augustus waren we niet meer met z’n zessen bij elkaar geweest dus het mocht wel een keer vonden we. We vierden een klein beetje mijn aanstaande verjaardag die ik altijd zal blijven delen met mijn schoonvader …